
Relatie arts-patient door D.P Engberts uit Gezondheidsrecht
Een bespreking van de verandering in de relatie tussen de arts en de patiënt en de manier waarop deze relatie wordt geregeld. Een belangrijk onderdeel van deze tekst is de uitleg van de belangrijkste wetten van de wet geneeskundige behandelingsovereenkomst. (WGBO)
Ter inleiding
De relatie tussen de arts en de patiënt is altijd een zaak geweest waar alleen de arts zich mee bezig hield. Vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw gaan ook mensen buiten het medische beroep zich hiermee bemoeien. De opkomst van de medische ethiek en gezondheidsrecht, staan niet op zichzelf.Ontvoogding en emancipatie
In de jaren zestig is in de hele Westerse wereld sprake van een proces van ontvoogding en emancipatie. De invloed van de wetenschap laat op het terrein van de geneeskunde en de gezondheidszorg aspecten naar voren treden die voordien onbekend waren of goeddeels onopgemerkt bleven. Doordat deze wetenschappelijke vooruitgang voor meer mogelijkheden zorgde moesten er keuzes gemaakt worden rond het behandelingsbeleid. Die keuzes waren niet alleen van medisch-wetenschappelijke aard, maar ook van morele of levensbeschouwelijke aard. Deze keuzes moesten niet alleen door medici, maar ook door patiënten gemaakt worden. Het is dit mondige subject waarvan de hernieuwde medische ethiek en het gezondheidsrecht zich spreekbuis maakt.
Rechten van de patiënt
in 1978 werd de commissie ‘rechten van de patient’ ingesteld. Het duurde toch tot 1995 voor de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WBGO) in werking trad. Hierbij is gekozen voor een privaatrechtelijke regeling. Ondanks dat dit in de praktijk weinig zichtbaar is, maakt het WGBO deel uit van het vermogensrecht. Dit komt vooral doordat er is gekozen voor een privaatrechtelijke regeling, waardoor geneeskunde als een commerciële dienstverlening wordt gezien. De wet is ook van toepassing bij niet-contractuele relaties, als er vanuit gegaan kan worden dat beide partijen daarmee instemmen. Van de situatie hangt af of bij conflicten goed hulpverlenerschap of patiëntenrechten voorrang heeft.
Dwingend recht
De zwakkere partij, de patiënt, wordt door het WGBO extra beschermd. Er mag alleen van de regels van het WGBO afgeweken worden als dit in het voordeel van de patiënt is.
De behandelingsovereenkomst
De behandelingsovereenkomst komt tot stand tussen twee partijen, patiënt en hulpverlener. Het WGBO is van toepassing op handelingen op het gebeid van de geneeskunst. Bij spoedeisende hulp moet de patient onderzocht worden om te constateren of de patiënt werkelijk spoedeisende hulp nodig heeft.Recht op informatie
Wanneer wordt gesproken van recht op informatie, wordt doorgaans gedoeld op de strekking van informatie door de hulpverlener aan de patiënt in het kader van de reeds bestaande behandelingsovereenkomst. Het gaat erom dat de hulpverlener de informatie geeft die de patiënt nodig heeft om al dan niet in te stemmen met een voorgestelde verrichting of behandeling of een te volgen beleid. Er zijn 4 aspecten die aangeven welke informatie verstrekt moet worden (pag. 317). De informatie wordt verstrekt aan de patiënt zelf, of een vertegenwoordiger van een minderjarige of wilsonbekwame. Een wilsonbekwame moet wel zoveel mogelijk worden betrokken bij de besluitvorming.
Informatie mag achter gehouden worden als dit in het belang van de patiënt is. Voorwaarde is dat het verstrekken van informatie voor de patiënt een kennelijk ernstig nadeel zou opleveren. Ook moet deze beslissing ter toetsing bij een collega voorgelegd worden. De informatie moet zo snel mogelijk alsnog meegedeeld worden aan de patiënt. De hulpverlener hoeft niet alle informatie aan een patiënt mee te delen, maar genoeg voor de patiënt om tot een weloverwogen besluit te komen. Een patient heeft recht op mondelinge informatie, maar als hij er om vraagt ook op schriftelijke informatie. De informatie moet op duidelijke wijze verstrekt worden.
Een patiënt heeft er ook recht op om geen informatie te krijgen, tenzij het belang van de patiënt om de informatie niet te krijgen niet opweegt tegen het nadeel dat daaruit voortvloeit voor hem of anderen.
Toestemmingsvereiste
In principe moet een patiënt toestemming geven voor medische handelingen. Dit gebeurt in de praktijk meestal niet expliciet. Toestemming kan bij minder ingrijpende handelingen impliciet worden gegeven door de patiënt. Bij ingrijpende of riskante handelingen zal in het medische dossier aantekening gemaakt worden van welke aspecten zijn besproken en waar de patiënt toestemming voor heeft gegeven. Bij minderjarigen of wilsonbekwame geeft een voogd of mentor toestemming. Iemand boven die 16 jaar kan een verklaring opstellen die weigering van behandeling inhoud, mocht de patiënt wilsonbekwaam worden in de toekomst. Deze verklaring moet dan gerespecteerd worden, mits hij duidelijk is en op de situatie aansluit.
Dossierplicht en recht op inzage
Een hulpverlener is een verplicht een dossier bij te houden met betrekking tot de behandeling van de patiënt. Het doel van de statusvoering is het warborgen van de continuïteit en de kwaliteit van de behandeling. De patiënt kan ook stukken in de status laten opnemen, of er stukken uit laten halen. De patiënt heeft het recht om de status in te kijken. Dit is voor eigen risico, maar de hulpverlener mag het advies geven om dit niet te doen. De inzage kan geweigerd worden als dit noodzakelijk is in het belang is van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van anderen dan de patiënt.
Geheimhouding
Een arts en andere hulpverleners hebben beroepsgeheim en dienen te zwijgen over het geen ze in hun hoedanigheid van arts of hulpverlener hebben gezien en gehoord. Voor zover het om het uitvoeren van verrichtingen gaat, bepaald art 459 WGBO uitdrukkelijk dat deze zonder toestemming van de patiënt niet mogen worden uitgevoerd binnen het bereik van waarneming door derden, althans, voorzover die derden niet noodzakelijk zijn bij het uitvoeren van de verrichtingen dan wel vertegenwoordigers van de minderjarige of wilsonbekwame patiënt zijn. Het beroepsgeheim betekent zwijgplicht. De arts moet zwijgen tegen iedereen behalve de patiënt of eventuele vertegenwoordigers. De wet geldt niet voor zover de wet anders bepaalt. Als een arts wordt opgeroepen als getuige in een rechtszaak kan deze zich beroepen op het verschoningsrecht. Mensen die een arts of andere hulpverlener met beroepsgeheim ondersteunen kunnen zich beroepen op het afgeleidde verschoningsrecht. Het beroepsgeheim is niet onbegrensd en geld alleen voor informatie die iemand heeft ontvangen in zijn beroepsstatus, dus niet in privé situaties.
Het belang van het beroepsgeheim moet soms wijken voor een belang van nog groter gewicht: als een wettelijke regeling anders bepaald, als de patiënt toestemming geeft het beroepsgeheim te doorbreken of in geval de arts in een conflict van plichten verkeerd. Een arts heeft geen aangifteplicht. De uitzonderingspositie voor mensen met beroepsgeheim zorgt voor juridische schermutselingen tussen medici en politie en justitie.
Het beroepsgeheim strekt zich ook uit over gegevens van overleden. Degenen van wie kan worden aangenomen dat de overleden ermee zou instemmen, kunnen inzage krijgen in de medische gegevens. Hieronder vallen: Nabestaanden die door de overledene uitdrukkelijk zijn gemachtigd; Sommige nabestaanden die tijdens het leven van de patiënt een bijzondere verantwoordelijkheid voor diens leven en welzijn hadden; de overige nabestaanden, al dan niet familieleden, voorzover aannemelijk is dat de overledene daartegen geen bezwaar zou hebben gehad. Bij belangen rond het laatste testament wordt geen toegang verleend. © 2007 - 2009 Parisgirl, gepubliceerd in Diversen (Mens en Gezondheid) op 14-11-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Parisgirl is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Begrippen: Recht voor verpleegkundigen: Ik heb alle begrippen van de hoofdstukken 4 t/m 14 uit het boek Recht voor verpleegkundigen uitgewerkt.
- Placebo: beter dankzij nepmedicijn: Je wordt gefopt waar je bijstaat. De arts die je een placebo voorschrijft. Dit weet je natuurlijk niet en je slikt braaf iedere dag 3 pilletjes. Ja hoor, de klachten verdw…
- Leren leven met Hypochondrie: Mensen met hypochondrie hebben een sterke en ongefundeerde overtuiging ernstig ziek te zijn. Hypochondrie komt het meest voor tussen de leeftijd van 20 tot 30 jaar. De oorzaken…
- Zorgvuldigheidseisen bij euthanasie: Onze medische wetenschap kan ons lang in leven houden. De keerzijde daarvan is dat dit leven niet altijd kwaliteit heeft. Er zijn geen objectieve maatstaven om te bepalen…
- Leren leven met somatisatie: Somatisatie is een aandoening waarbij psychische problemen zich als een lichamelijke symptoom of reeks van symptomen manifesteren. Hoewel ze soms bizar zijn, zijn deze veelal lic…
Bronnen en/of referenties
- D.P. Engberts, Relatie arts-patient. In: D.P. Engberts en L. Kalkman-Bogerd (red.). Gezondheidsrecht. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2006, p. 13-35.

Reageer op het artikel "Relatie arts-patient door D.P Engberts uit Gezondheidsrecht"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

