
Eenvoudige pijnstillers - inleiding
Pijn is er in verschillende soorten en maten. Er zijn dan ook pijnstillers die de pijn kunnen verlichten of zelfs totaal kunnen laten verdwijnen. Dit artikel gaat over pijn, wat het is, hoe het veroorzaakt wordt enz. Daarnaast zal er informatie gegeven worden over eenvoudige pijnstillers. In hieropvolgende artikelen vindt u informatie over de verschillende soorten eenvoudige pijnstillers die er te vinden zijn. Bij vragen en/of opmerkingen kunt u onderaan het artikel een reactie plaatsen.
Soorten pijn
Bij pijn maken we onderscheid tussen pijn van voorbijgaande aard, acute pijn en chronische pijn. Pijn van voorbijgaande aard wordt veroorzaakt door een pijnprikkel in het zenuwstelsel. Daarbij is geen pijnbestrijding nodig. Daarnaast is er acute pijn, waarbij sprake is van beschadiging van weefsel en het in werking komen van pijnprikkels in het lichaam. Herstel kan optreden zonder geneesmiddelen. De pijn vermindert sneller dan de weefselbeschadiging. Pijnbestrijding kan het ongemak verminderen.Ten slotte is er ook nog de chronische pijn. Voorbeelden daarvan zijn lage rugpijn, de aanhoudende pijn na gordelroos of bepaalde bindweefselaandoeningen. Die pijn wordt wel door een beschadiging of ziekte op gang gebracht, maar versterkt door andere factoren, zoals stress, omgevingsfactoren en psychische factoren. Bij chronische pijn blijft de pijn na behandeling van de onderliggende oorzaak. Bij chronische pijn is overigens de duur niet het belangrijkste, maar eerder de onmogelijkheid van het lichaam om na de veroorzakende aandoening het evenwicht weer te herstellen.
Behandeling met eenvoudige pijnstillers
Bij de behandeling van acute pijn wordt gebruik gemaakt van medicijnen als acetylsalicylzuur, dat we ook onder de merknaam Aspirine kennen, paracetamol, de meest gebruikte simpele pijnstiller en ibuprofen. Deze medicijnen worden geslikt tegen allerlei soorten pijn. Met name paracetamol is het meest voorgeschreven medicijn in ons land. In 1998 werd het zelfs 1.3 miljoen keer voorgeschreven. Dat komt neer op 150 miljoen pilletjes paracetamol, hetgeen een omzet van zo'n 9,5 miljoen euro betekent. Daar komt nog eens het aantal paracetamolletjes bij dat via de vrije verkoop bij de mensen terecht kwam.
De middelen die later besproken zullen worden, zijn in apotheken en drogisten te vinden en zijn zonder recept verkrijgbaar. Bij elkaar gaan er jaarlijks zo'n 500 miljoen pijnstillers en griepmiddelen over de toonbank. Hoewel de fabrikant verplicht is een in eenvoudig Nederlands gestelde bijsluiter bij het middel te voegen, is in het algemeen de kennis over zulke vaak gebruikte middelen zeer beperkt.
Omdat iedereen wel eens pijn heeft, is de markt voor pijnstillers onbeperkt. Bovendien zijn de pijnstillers acetylsalicylzuur (aspirine), paracetamol en ibuprofen effectief bij het onderdrukken van koorts en daarom worden ze ook wel geslikt bij griep en verkoudheid. Iedere Nederlander heeft wel een pijnstiller in het medicijnkastje liggen. Dat is altijd makkelijk bij kiespijn, hoofdpijn, menstruatiepijn of griep. Al deze middelen hebben echter ook hun bijwerkingen en bezwaren...
Wat is pijn?
Veel ziekten gaan samen met pijn. Bovendien heb je vaak pijn zonder dat je ziek wordt. Pijn is een signaal. Als je je hand per ongeluk tegen de kachel houdt, waarschuwt de pijn dat er iets niet in orde is. Zonder pijn zouden ons de ergste dingen overkomen. Dat is te zien bij mensen met zenuwbeschadigingen, zoals lepra of een vergevorderde fase van suikerziekte. Doordat de zenuwen kapot zijn, is er géén verbinding meer tussen de pijnontvanger in de huid en de hersenen. Deze mensen merken de ipjn niet op, hoewel ze soms vreselijke wonden hebben.Er zijn verschillende theorieën over hoe we pijn voelen. De oudste en bekendste is die van het zogenaamde perifere of uitwendige mechanisme: een signaal wordt vanuit de zenuwcellen doorgegeven naar het centrale zenuwstelsel. Het menselijk lichaam zit vol met zulke ontvangcellen (receptorcellen), waar pijn, warmte, druk, trilling en spierwerking op in werken. Voor elk van de genoemde gevoelssoorten is een aparte ontvangcel. Als zo'n ontvangcel geprikkeld wordt, gaat er een signaal naar de hersenen. Ook pijnprikkels worden voortdurend naar de hersenen doorgegeven, maar dat hoeft nog lang niet altijd als pijn ervaren te worden. Zo simpel als het hier beschreven is, is het in werkelijkheid niet helemaal, maar het geeft in elk geval een idee.
In 1983 ontdekte Clifford Woolf dat er naast dat uitwendige of perifere mechanisme ook een centraal pijnmechanisme is. Er ontstaat door de grote aanvoer van pijnprikkels een verhoogde prikkelbaarheid van het centrale zenuwstelsel en dat kan leiden tot een overdreven reactie van het zenuwstelsel. Zo'n gebied van verhoogde zenuwactiviteit in de hersenen wordt wel een neuromatrix genoemd. Het gebeurt bijvoorbeeld bij fantoompijn (pijn in een geamputeerd lichaamsdeel).
Factoren betrokken bij pijn
Er is een aantal factoren te onderscheiden die invloed op pijn hebben. Je hoeft een pijnprikkel in een pijnontvangcel niet eens te voelen. In oorlogssituaties zijn er een enkele keer soldaten met schotwonden die daar vrijwel niets van voelen. Andersom kan het ook gebeuren dat maar een heel kleine pijnprikkel in de pijnontvangcel enorme pijngevoelens geeft. De regel die we hieruit kunnen afleiden, is dat in principe iedere pijnprikkel in een pijnontvangcel als pijn herkend kan worden, maar het hoeft niet. Dat verschilt per mens. De al genoemde militairen met schotwonden voelden niets van hun schotwonden, maar ze hadden wel pijn als een verpleegster bloed af tapte.
Er zijn diverse factoren die het herkennen van pijn als pijn beïnvloeden. Ten eerste is pijn cultureel bepaald. In sommige landen gaan de mensen anders met pijn om. Je ziet dat onder andere bij inwijdingsriten. Er zijn landen waar de jongens worden opgehangen aan vleeshaken om 'man' te worden. In deze situatie ervaren de jongens dit niet als pijn. Ten tweede is het benoemen van pijn belangrijk. Als iets niet 'pijn' genoemd wordt, is het ook niet 'pijnlijk'. Er zijn proeven gedaan met twee groepen mensen die elektrische schokjes kregen. Alleen de mensen aan wie verteld was dat ze 'pijnlijke schokken' zouden krijgen, hadden pijn. In de andere groep kregen andere indrukken de voorkeur bij het toelaten tot het centrum van het bewustzijn in de hersenen.
De theorie dat verschillende zenuwimpulsen concurreren om te worden doorgelaten tot het bewustzijn, heet de 'poorttheorie'.
Een derde, belangrijke factor is de angst. Het bang zijn voor de pijn en moeilijke situaties maken de pijn heviger. Deze drie aspecten van pijnbeleving worden genoemd omdat de meeste pijnstillers ook hierop werken. Dat blijkt bij vergelijkende onderzoeken naar het effect van pijnstillers en fopgeneesmiddelen (placebo's). De fopmiddelen bestrijden de pijn in veel gevallen even goed. Waarschijnlijk gebeurt dat doordat ze de angst wegnemen. Maar ook is er geen pijn meer omdat je de situatie na het innemen van een pijnstiller 'niet pijnlijk' noemt.
Natuurlijk hebben middelen als acetylsalicylzuur, paracetamol, ibuprofen en andere ook echt invloed op de pijn. Suggestie levert echter een heel belangrijke bijdrage aan de werking van pijnstillers. In 30% van de gevallen verdwijnt de pijn door zo'n placebo. Het maakt overigens ook uit of degene die het middel geeft of voorschrijft erin gelooft. Wanneer dat zo is, is het placebo-effect nog groter.
Acute en chronische rugklachten
Rugpijn is een van de meest voorkomende klachten in ons land. Uit onderzoeken blijkt dat 50 tot 70 % van de volwassenen wel eens rugklachten heeft. Er is weinig verband met het beroep dat deze mensen hebben. Wel zien we dat als mensen ouder worden ze meer last van rugklachten hebben. Rugklachten treden vooral op tijdens het werkzame leven.Het is zinvol allereerst een verschil te maken tussen chronische en acute rugklachten. Bij de acute aanval gaat het er vooral om de pijn te bestrijden. Bij chronische klachten hebben we te maken met een gecompliceerde aandoening en is één enkele behandelingsvorm eigenlijk nooit voldoende.
Een aanval van acute rugpijn herstelt meestal goed. In 95% van de gevallen zijn de klachten binnen vier tot zes weken geheel verdwenen. Behandeling heeft voor het verhelpen van de klachten vaak nauwelijks zin, maar het is natuurlijk wel erg vervelend, en pijnbestrijding kan daarbij belangrijk zijn. Bij een kleine groep mensen is de rugpijn niet binnen die korte tijd verdwenen. We spreken dan van chronische rugklachten. Naast de pijn zal men ook andere klachten ontwikkelen. Bewegingsbeperking (stijfheid) is daarvan de belangrijkste. Eén enkele behandelingsvorm helpt hierbij meestal niet omdat verscheidene factoren een rol spelen.
Suggestie speelt bij behandeling van klachten een belangrijke rol. Dat blijkt ook uit onderzoeken met placebo's (fopbehandeling). Die hebben op korte termijn tenminste een verbazend groot succes bij rugklachten. Op de langere duur valt het echter altijd tegen. Bij een acute aanval van rugklachten heeft men echter niet de gelegenheid daar achter te komen. Dat maakt daarom ook het onderzoek naar de effectiviteit van de behandelingen nogal moeilijk. Meestal schrijft de arts pijnstillers voor (soms wat spierverslappers) en als de pijn binnen twee weken (soms tien dagen of drie weken, afhankelijk van de persoonlijke smaak van de dokter) niet over is, mag men terug komen. Van de mensen met lage rugpijn herstelt 90% binnen twee weken bij gebruik van paracetamol. De rugpijn wordt door die pijnstiller aanzienljik verlicht, zodat snel de datgelijkse activiteiten weer kunnen worden opgepakt.
Het is dan ook verwonderlijk dat bij het bestaan van zo'n effectieve, goedkope en bewezen goede behandeling artsen zo vaak de duren NSAID's voorschrijven. De Amerikaanse Agency for Health Care Policy and Research (AHCPR) heeft een aantal stappen bij de behandeling van lage rugpijn voorgesteld. Stap 1 is het gebruik van paracetamol als men de pijn te hinderlijk vindt om te verdragen. De tweede stap is het eventueel gebruiken van NSAID's als alternatief, maar men dient daarbij voorzichtig te zijn vanwege het vaak optreden van bijverschijnselen. In de behandeling van lage rugpijn is geen plaats voor het gebruik van zware pijnstillers zoals opioïden. Het effect van spierontspanners tegen lage rugpijn is niet bewezen en een derde van de mensen die deze middelen gebruiken krijgen last van duizeligheid.
Psychische klachten en pijnstillers
Naast bestrijding van pijn kunnen pijnstillers voor sommige mensen ook een heel andere functie hebben. Uit onderzoek is gebleken dat mensen met psychische problemen vaak pijnstillers slikken. De onaangename gevoelens in hun geest proberen ze dus onder controlere te brengen door de 'pijn' in hun lichaam te onderdrukken. In een overzichtsartikel over pijn in het Britse medische weekblad de Lancet beschrijven Loeser en Melzack de relatie in onze cultuur tussen lijden en pijn. De taal van de pijn wordt gebruikt om lijden te beschrijven en dat gebeurt zowel door de patiënt als door de dokter. Men spreekt in zulke gevallen van 'somatisering'. Er is sprake van een steeds toenemend pijnstillergebruik en menige deskundige heeft zich afgevraagd of dat niet voor een deel toe te schrijven is aan pogingen om eigenlijk de psychische klachten te bestrijden.In bepaalde beroepen worden veel pijnstillers gebruikt. Zo blijkt dat 16% van de mensen die op een kantoor met moderne apparatuur werken, regelmatig pijnstillers slikt, terwijl dat over de hele bevolking genomen gemiddeld 5% is. Uit een onderzoek van het Nivel waarover in 1993 gerapporteerd werd blijkt dat uitkeringsgerechtigden, lager opgeleiden en mensen met een lager inkomen vaker zeggen hoofdpijn te hebben. Ook hebben vrouwen meer klachten over hoofdpijn dan mannen. Pensieongerechtigden blijken weinig last te hebben van hoofdpijn en hoger opgeleide vrouwen weer minder dan lager opgeleide vrouwen. Een en ander benadrukt de invloed van maatschappelijke factoren op dergelijke klachten.
Hoofdpijn kan overigens ook worden veroorzaakt door het gebruik van pijnstillers. Sinds 1992 wordt zulke hoofdpijn regelmatig gezien; ze ontstaat vaak bij mensen die migraine hebben en steeds meer pijnstillers gaan slikken. Er ontstaat een zekere vorm van verslaving aan de pijnstillers en het kost vrij veel moeite de gebruikers er weer vanafte helpen.
Kosten van eenvoudige pijnstillers
Hoofdpijn veroorzaakt veel kosten. In Europa zijn er zo'n 80 tot 90 miljoen mensen die regelmatig last hebben van hoofdpijn (dat is ongeveer één op de vier Europeanen) en dat kost per jaar ongeveer 9.5 miljard euro (aan doktersbezoek, medicijnen en arbeidsverzuim). Toch weten we relatief weinig over hoofdpijn...Een belangrijke vraag is of eenvoudige pijnstillers in het ziekenfonds moeten blijven. Vanaf 1999 zou dat niet meer het geval zijn. Op die manier zou behoorlijk op geneesmiddelenkosten kunnen worden bespaard, omdat de afleveringskosten ontbreken die de apotheek epr recept berekent. Diezelfde paracetamol is dan heel wat goedkoper als we het voortaan zelf bij een drogist of apotheek kopen. Anderzijds zal de huisarts die zijn patiënten toch graag iets mee geeft omdat hij anders het gevoel heeft tekort te schieten, gedwongen zijn duurdere middelen die nog wel door het ziekenfonds worden vergoed voor te schrijven. Dan schrijft de arts bijvoorbeeld een NSAID (een categorie reumamiddelen) voor en kost de pijnbehandeling ineens meer dan 40 euro!
Pijnbestrijding
Pijn kan op verschillende wijzen bestreden worden. Een pijnstiller is niet de enige methode. Gespannen spieren zijn soms erg pijnlijk. Dat is het geval bij menstruatiepijn. Onwillekeurig worden door angst voor pijn de onderrug- en beenspieren gespannen. Ook rugpijn wordt vaak door te gespannen spieren veroorzaakt. Deze spierspanningen zijn goed te verdrijven door massage van de spieren in de omgeving van het pijngebied. Een andere techniek om te ontspannen zijn de ontspanningsoefeningen, waarvan de yoga-oefeningen het bekendst zijn. Ook hoofdpijn komt vaak vanuit de spieren. Met name de nek- en slaapspieren zijn dan gespannen. Ook hier helpt lichte massage vaak erg goed.In 1992 promoveerde F. Winter op een behandelingsprogramma voor pijn dat bestond uit lichamelijk inspanning, ontspanning en kennisoverdracht. Dat bleek zeer doelmatig bij het bestrijden van chronische pijn. Men was niet van de pijn verlost, maar leerde ermee te leven. Het zelfvertrouwen nam toe door deze aanpak. Er werden minder pijnstillers geslikt en men was in een betere conditie.
Een eenvoudig huismiddeltje bij baby's en kleine kinderen is het geven van suikerwater. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat kinderen die besneden werden en die suikerwater kregen, minder en minder lang huilden. Datzelfde was te zien bij bloed prikken. De oorzaak is onduidelijk, maar met deze kennis kunnen we in een aantal gevallen voorkomen kleine kinderen pijnstillers te geven.
Bij het gebruik van pijnstillers moet men opletten dat men niet alleen maar de signaalfunctie uitdooft. Het is verstandig om pijnstillers niet langer dan een week te gebruiken. Dat geldt natuurlijk niet voor mensen met chronische pijnklachten en mensen die pijn lijden door een ongeneeslijke ziekte. Als de pijn na een week niet verdwenen is, moet een goede arts nog eens grondig onderzoeken waar de pijn mogelijkerwijs vandaan komt.
Extra informatie
De eerste pijnstillers die de mensheid kende waren alcohol en opium. Alcohol wordt nog maar zelden voor dit doel gebruikt. Opium en zijn familieleden worden alleen maar gebruikt bij zeer hevige pijnen en dan onder zeer strenge controle. Opium is namelijk sterk verslavend. In Nederland hebben we daarvoor een speciale opium-wet, die ervoor zorgt dat alle opiumrecepten worden gecontroleerd.
Vanaf het eind van de vorige eeuw worden er op grote schaal pijnstillers gebruikt. Dat komt door de ontdekking van o.a. acetylsalicylsuur (Aspirine) door Felix Hoffmann in de bedrijven van Bayer in 1897. Later zijn allerlei variaties bedacht. Een daarvan is paracetamol. Een ander is ibuprofen, dat aanvankelijk als reumamiddel werd gebruikt, maar later ook als eenvoudige pijnstiller werd geïntroduceerd. Deze drie middelen zijn de meest gebruikte eenvoudige pijnstillers en meestal als we het over simpel pijnstillergebruik hebben praten we over een van deze drie medicijnen. Er zijn ook enkele andere eenvoudige pijnstillers, maar die spelen geen rol van betekenis.
Metamizol of novaminsulfon is bijvoorbeeld ook een lichte pijnstiller die vervolgens behandeld zal worden. Later zijn glafenine (Glifanan) en floctafenine als pijnstillers erbij gekomen, maar nadat er al veel gevallen van dodelijke bijwerkingen gemeld waren werd glafenine ten slotte in januari 1992 uit de Nederlandse apotheken verwijderd. Tegen floctafenine gelden dezelfde bezwaren als tegen glafenine en het is hoog tijd dat daar eens nader naar gekeken wordt. metamizol is in Nederland na jarenlange commentaren van deskundigen daarover eindelijk als onderdeel van combinatiepijnstillers uit de handel genomen.
Cannibis en pijn
In de toekomst zal ook serieus rekening gehouden moeten worden met e mogelijkheid dat cannabinoïden een rol gaan spelen bij pijnbestrijding. Cannabinoïden zijn afgeleid van cannibis en dat is de mooie naam voor de stof die verantwoordelijk is voor het effect van hasj of marihuana. Onderzoek bij ratten toont aan dat het pijnstillende effect veroorzaakt wordt door activatie van bepaalde zenuwcellen. Cannabinoïden gaan bovendien misselijkheid tegen en verhogen de eetlust. Om die reden is het gebruik met name zinvol bij mensen met kwaadaardige ziekten waarbij veel pijn optreedt.De rol van prostaglandinesynthetaseremmers bij pijnbestrijding
Acetylsalicylzuur en ibuprofen zijn werkzaam doordat ze de vorming van prostaglandinen (regelstoffen in het lichaam) remmen. Deze pijnstillers zijn zogenaamde prostaglandinesynthetaseremmers, dat wil zeggen dat ze het enzym (prostaglandinesynthetase) dat de prostaglandinen maakt, remmen. Het gevolg daarvan is dat er minder prostaglandinen zijn. Die prostaglandinen zijn belangirjke stoffen die bij een aantal processen in het menselijk lichaam een rol spelen, bijvoorbeeld in de bloedvaten, bij de bloedstolling, in de nieren en in de maagwand. Onder invloed van ziekte worden er meer prostaglandinen gemaakt en die zorgen voor plaatselijke vaatverwijding (dat heeft roodheid en zwelling tot gevolg), het gevoeliger worden van de zenuwuiteinden (pijn) en hebben invloed op het koortscentrum in de hypothalamus, een bepaald deel van de hersenen (koorts). De pijnstillers die de vorming van prostaglandinen tegengaan, gaan dus koorts, pijn en zwelling tegen. Het is te verwachten dat in de toekomst meer van deze prostaglandinesynthetaseremmers, die nu in hoge doses al gebruikt worden bij de behandeling van reuma, in kleine dosering als eenvoudige pijnstillers op de markt zullen worden gebracht.
Nieuwe inzichten in de werking van prostaglandinesynthetaseremmers laten zien dat er waarschijnlijk twee enzymen zijn die deze medicijnen remmen. Deze enzymen lijken sprekend op elkaar, maar verschillen op essentiële punten. Als het eerste enzym geremd wordt krijgen we vooral de vervelende bijwerkingen (maagklachten, bloedingen), terwijl als het tweede enzym geremd wordt, men de prettige effecten (ontstekingsremming) krijgt. Nu is het vervelende dat acetylsalicylzuur, indometacine en al die andere pijnstillers en reumamiddelen uit de zogenaamde NSAID-groep allemaal dat eerste enzym remmen. Men mag verwachten dat geneesmiddelen onderzoek in de toekomst zal leiden tot prostaglandinesynthetaseremmers die het tweede enzym remmen.
Dan verdwijnen de klassieke Aspirine en vele bekende reumamiddelen waarschijnlijk snel uit ons geneesmiddelen pakket. Helemaal zeker is dat niet, want wel eens eerder heeft men gedacht dat de tijd van Aspirine voorbij was, maar in 1996 groeide de omzet nog met 13% en in 1997 met 17%. Door nieuwe werkingen is het middel populairder dan ooit. De bijwerkingen van deze prostaglandinesynthetaseremmers zijn imposant: 70% van de gebruikers heeft last van bijwerkingen, 5% loopt een maagzweer of maagbloeding op. Als eenvoudige pijnstillers hebben deze stoffen natuurlijk minder bezwaren dan wanneer ze als reumamiddelen worden gebruikt.
De belangrijkste eenvoudige pijnstiller, paracetamol, heeft een ander werkingsprincipe, maar ook daarbij spelen de prostaglandinen een rol. De werking van paracetamol beperkt zich voornamelijk tot pijn stillen en koorts onderdrukken en het mist het anti-ontstekingseffect.
Hoe licht zijn lichte pijnstillers
In bijsluiters en reclamemateriaal worden acetylsalicylzuur, paracetamol en ibuprofen als 'licht', maar toch effectief beschreven. Dit vage taalgebruik werkt onduidelijkheid in de hand. In de VS, waar men dat probleem ook kent, heeft de FDA (Food and Drug Administration) voorgesteld om bijvoeglijke naamwoorden zoals 'licht', 'mild', 'matig' enzovoort, goed te omschrijven.In Nederland is men wat zulke zaken betreft echter vaker zeer tolerant ten aanzien van producenten van geneesmiddelen. Acetylsalicylzuur is voor kinderen met infecties met koorts ongewenst en omdat dat de belangrijkste indicatie voor dit middel bij kinderen is, ligt het voor de hand paracetamol in plaats van acetylsalicylzuur aan te raden. Dat is in elk geval wat deskundigen willen. Zij beschouwen het verdwijnen van het syndroom van Reye door het terugdringen van het gebruik van acetylsalicylzuur door jonge kinderen als een van de grootste successen van de publieke gezondheidszorg.
Als je als bedrijf acetylsalicylzuur speciaa lvoor kinderen verkoopt is zo'n succes niet prettig. De producent van Sinaspril zat met dat probleem. Door goede voorlichting aan gebruikers van medicijnen werd Sinaspril steeds minder populair. De producent mocht in 1991 van onze overheid zomaar geruisloos het acetylsalicylzuur door paracetamol vervangen. Zoiets mag in vrijwel geen enkel land. Een dergelijk middel is nieuwe en zal daarom opnieuw beoordeeld moeten worden voor het toegelaten gebruik. En wat te denken van het bedrog van de gebruikers? Veel mensen kunnen de pijnstillers niet van elkaar onderscheiden, maar er zijn ondertussen gelukkig ook genoeg mensen die wel zorgen dat ze weten wat ze slikken!
Soorten eenvoudige pijnstillers
Hieronder vindt u links naar verschillende soorten eenvoudige pijnstillers:Paracetamol © 2008 - 2009 Hikari, gepubliceerd in Diversen (Mens en Gezondheid) op 17-11-2008, laatst gewijzigd op 18-11-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hikari is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Pijnstillers; wondermiddel of gevaar?!: Pijnstillers als Ibuprofin, Aleve en Diclofenac worden ook wel NSAID’s genoemd. Ze verlichten pijn en zijn bovendien ontstekingsremmend. Maar zijn deze medicijnen wel…
- Pijnstillers, wat voor merken bevatten welke stoffen: Er zijn veel soorten pijnstillers op de markt, vaak dezelfde soort onder een ondere merknaam. Hieronder een overzicht van de vrij verkrijgbare pijnstille…
- Hoe werken pijnstillers?: Pijnstillers nemen de pijn weg, niet de oorzaak van de pijn. Als iemand zijn arm hard stoot, dan ontstaat er een pijnlijke plek op die arm. Die plek zwelt op of er ontstaat een blau…
- Hoofdpijn & Spanning: Hoe kom ik er vanaf?: Spanningshoofdpijn is de meest voorkomende vorm van hoofdpijn bij volwassenen. De pijn is niet het gevolg van spierspanning in schedel en nek zoals men vroeger aan…
- Last van een verstuiking, verscheuring of verzwikking?: Hoewel de termen door elkaar worden gebruikt, bedoelt men met verstuiking of verzwikking meestal een overrekkingsletsel van een of meer ligamenten, de…

Reageer op het artikel "Eenvoudige pijnstillers - inleiding"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

