Ziekten en Bloedcel

Leukemie, bloedkanker

Leukemie, bloedkanker

Bij leukemie is er een ongecontroleerde aanmaak, rijping en afgifte van witte bloedcellen (leukocyten). De oorzaak van leukemie is niet bekend. Men vermoedt dat virussen hierbij mogelijk een rol spelen. Ook intensieve straling (röntgen, atoombom) leidt tot een verhoging van het aantal ziektegevallen.


Door een te sterke aanmaak van witte bloedcellen wordt de productie van de andere bloedcellen tegen gegaan. Hierdoor ontstaat een tekort aan rode bloedcellen, hetgeen leidt tot een anemie, en een tekort aan trombocyten hetgeen leidt tot een verhoogde bloedingsneiging. En al zijn er dan zeer veel leukocyten in het bloed, doordat ze slecht funtioneren, bestaat er toch een verhoogde kans op infecties.
Leukemie was vroeger vrijwel altijd dodelijk. Tegenwoordig heeft een aantal vormen een redelijke tot goede prognose.

Diverse soorten leukemie.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen leukemie uitgaande van het lymfesysteem en leukemie uitgaande van het beenmerg.
Beide soorten zijn weer onderverdeeld in een acute en een chronische vorm.
Zo ontstaan de benamingen acute lymfatische leukemie (ALL), acute myeloïde leukemie (AML), chronische lymfatische leukemie (CLL) en chronische myeloïde leukemie (CML).
Er zijn bij deze vier soorten leukemie verschillen in mogelijke oorzaken en verschijnselen, leeftijd waarop het voorkomt, behandeling en prognose.
Om een overzichtelijk beeld te schetsen worden de vier soorten toch zoveel mogelijk als groed besproken.

Leeftijd waarop de ziekte voorkomt.

Beide chronische leukemieën komen zelden voor bij kinderen. De acute myeloïde leukemie zien we ook meestal bij volwassenen, maar de acute lymfatische leukemie (ALL) treedt vooral op in de eerste levensjaren.

Symptomen.

Zoals de naam al aangeeft, ontwikkelen de acute vormen van leukemie zich min of meer acuut, terwijl de chronische vormen een meer sluipend ontstaan en verder verloop kennen.
Afhankelijk van de vorm van leukemie kunnen de volgende symptomen optreden:

infectieziekten met hoge koorts
bloedingen
klierzwellingen, milt- en leververgroting
pijn (met name in de buik, door milt- en leververgroting)
algemene malaise
anemie
vermagering


Onderzoek

De anamnese en het lichamelijk onderzoek van de patiënt worden meestal gevolgd door:

Bloedonderzoek.Hierbij zal meestal het aantal leukocyten verhoogd zijn terwijl de overige bloedcellen in onvoldoende mate voorkomen.
Beenmergonderzoek.Het beenmerg dat verkregen kan worden via een borstbeen- of bekkenpunctie zit vol met blasten (voorlopers van de leukocyten)


Behandeling

Bij de behandeling van leukemie is er een groot verschil of het een chronische of een acute vorm betreft.
De CLL (chronische lymfatische leukemie) wordt niet behandeld als er geen klachten zijn. De behandelingen die tot nu toe ontwikkeld zijn, geven nauwelijks of geen verlenging van de levensduur te zien. Door de sterke bijwerkingen van een eventuele cytostatische behandeling (cytostatica zijn geneesmiddelen die de celgroei en de celdeling remmen) wordt de kwaliteit van het leven echter wel sterk aangetast.
Klachten zoals klierzwellingen worden indien nodig behandeld met cytostatica en/of radiotherapie (bestraling). Andere klachten worden behandeld zonder de oorzaak ervan aan te pakken. Gezien de hogere leeftijd waarop deze ziekte meestal voorkomt en het sluipende beloop, gaan patiënten nogal eens dood aan een andere ziekte vóórdat de leukemie fataal wordt.

Ook bij de CML (chronische myeloïde leukemie) verlengt cytostatische therapie het leven nauwelijks. Cytostatica lijken in het begin een gunstig tot zeer gunstig resultaat te geven. Na een of meer jaren worden patiénten echter plotseling resistent en treedt een sterke woekering op van blasten.
Het eindigt dan vaak in een zogenaamde blastencrise, een beeld dat lijkt op dat van de acute leukemie.
Combinaties van cytostatica met beenmergtransplantaties (BMT) en andere nieuwe therapiën gaan mogelijk verandering brengen in de resultaten van de behandeling.
BMT lijkt nog de beste resultaten op te leveren, vooral als deze wordt verricht gedurende de chronische fase van de ziekte.

Bij de Acute leukemieën is een aantal fasen te onderscheiden in de behandeling:

Remissie-inductiebehandelingIn de acute fase van het ziektebeeld wordt geprobeerd de ziekteverschijnselen terug te dringen met cytostatica en corticosteroïden (ontstekingsremmers).
Onderhoudstherapie.Als een remissiefase (rustige fase) is bereikt, wordt deze met behulp van cytostatica zoveel mogelijk onderhouden.
Reïnductiebehandeling.Bij een eventueel recidief wordt opnieuw getracht een remissie te bereiken. Dit wordt wel steeds moeilijker.
Ondersteunende therapie.Naast cytostatische behandeling zijn ondersteunende maatregelen nodig. Hiertoe horen onder andere bloedtransfusies en snelle en juiste infectiebestrijding.


De resultaten van deze behandelingen zijn bij de acute myeloïde leukemie (AML) slechter dan bij de lymfatische vorm (ALL).
Beenmergtransplantaties worden vooral toegepast bij de (moeilijk te behandelen) chronische leukemieën.
Ze zijn echter ook van belang bij recidieven van de ALL.
© 2007 - 2009 Hikari, gepubliceerd in Ziekten (Mens en Gezondheid) op 13-01-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hikari is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Leukemie, bloedkanker"


Door Achten Marie-Hélène op 06-02-2008

Het arikel is zeer duidelijk geschreven en geeft een klaar beeld over de vier soorten leukemie. Ik ben een vlaming en woon met mijn gezin in zuid-Frankrijk. Ik heb twee kinderen: jongen van 19 jaar en meisje van 20. In juni 2007 kreeg ik te horen dat mijn zoon Jan een leukemie had. Het is verschrikkelijk om dit te horen als je kinderen zelden ziek zijn. Hij moest onmiddellijk naar Bordeaux en na een botpunktie werd dit nog eens bevestigd.
Hij werd bestraald en moest gedurende 7 weken ongeveer in Bordeaux blijven. Daarna kreeg hij evenzoveel zijd om te herstellen thuis, met grote risicos om geen enkele ziekte op te nemen. Hij werd helaas besmet met een angina en vertrok opnieuw met hoge koortsen naar Bordeaux. Hij was verschrikkelijk vermagerd en had konstant hevige hoofdpijn. Jan die altij en heel de dag at , kon nauwelijks nog eten.
En toen bleek dat zijn zuster in aanmerking kwam voor een beenmergtransplantatie. Dat was een hele opluchting. Er is namelijk maar een kans op vier dat je in aanmarking komt of "compatible " bent. Op 22 oktober is ze binnengegaan voor een beenmargafname en dezelfde avond werd dit aan Jan gegeven in zijn steriele kamer waar hij minstens vier weken in moest blijven. Na twee weken kreeg hij de gevreesde afstotingsverschijnselen met baken, diaree, hoge koortsen en huiduitslag. Maar na twee dagen is het stillaan beginnen keren en is hij de goede weg opgegaan. In totaal had hij in de steriele kamer gedurende 1 maand niets gegeten of gedronken. Zijn spijsverteringsstelsel was kapotgebrand door de stralen die moeten gebeuren voor de transplantatie opdat zijn lichaam de vreemde cellen beter kan aanvaarden.
Nu is hij drie maand terug thuis, gezwollen van de cortisone, maar hij heeft geen complicaties gehad en wordt beter en beter.
Misschien mag hij in maart terug naar school.
Het was een zeer bangelijke periode, en we zijn nog altijd "opweg" maar ik ben zo dankbaar dat hij terug kan hesrstellen. En het woord kanker is niet meer zo bangelijk om te horen. Er zijn hele bekwame dokters in Bordeaux en we hadden chance dat Jan bij hen terecht kwam.

Vanwege zijn mama Achten Marie-hélène, Francoulon 47290 St Pastour Reactie infoteur op 02-05-2009:Beste,

Wat een verschrikkelijk verhaal om te lezen, maar fijn om te horen dat uw zoon er weer bovenop komt en helemaal zal genezen (dat is wat ik begrepen heb uit uw verhaal).

Ik begrijp wat u heeft meegemaakt in deze periode, samen met uw gezin, familie, vrienden en bekenden, omdat ik in eenzelfde periode heb gezeten als u.