
De buik en zijn aandoeningen
In dit artikel is een beknopte uitleg over wat de 'buik' nou precies is. Daarna wordt in gegaan op 2 algemene aandoeningen in de buik; de peritonitis en de ileus. Als laatste wordt nog de laparotomie behandeld, een algemeen onderzoeks- en behandelmethode voor de buik.
De buik
De buik, of liever gezegd de buikholte, bevat verscihllende organen en andere structuren: organen die met de spijsvertering te maken hebben (maag, darm, lever enz.), uitscheidingsorganen (nieren), inwendige geslachtsorganen (eierstokken, eileiders en baarmoeder) en andere weefsels zoals het buikvlies.Met al deze organen kan iets mis gaan.
Zo kunnen ze verkeerd zijn aangelegd voor de geboorte, ze kunnen ziek worden of andere afwijkingen vertonen.
Meestal gaat dit gepaard met ziekteverschijnselen waarvan een arts de oorzaak dient op te sporen. Het lichamelijk onderzoek van een patiënt speelt hierbij een belangrijke rol maar ook meer specifieke onderzoeken (denk aan röntgenonderzoek of echografie) kunnen helpen om tot een diagnose te komen. Verder kan onderzoek van uitscheidingsproducten zoals braaksel, urine of ontlasting belangrijke gegevens opleveren bij het onderzoek van buikklachten.
De buikinhoud wordt voor een klein gedeelte beschermd door stevige bot- of kraakbeenstructuren (de ribben en heupen), maar vooral aan de voorzijde bestaat deze bescherming alleen uit huid, spieren en bindweefsel.
De buik bezig een aantal anatomische 'markeringspunten' zoals:
- Het zwaardvormig aanhangsel van het borstbeen
- De ribbenboog
- De navel
- Het schaambeen
- Beiderzijds de bekkenkam.
Deze markeringspunten verdelen de buikwand (en de onderliggende buikholte) in afzonderlijke gebieden aan de hand waarvan men de plaats van de verschillende organen kan aangeven.
De buikwand bestaat uit huid, onderhuids vetweefsel, de buikfascie, een aantal spierlagen en het buikvlies, ofwel peritoneum.
De buikorganen zijn vel kwetsbaarder dan bijvoorbeeld de organen in de thorax, die beschermd worden door de borstkas.
Peritonitis (ontsteking van het buikvlies).
Een van de twee belangrijkste algemene aandoeningen van de buik is de peritonitis, een ontsteking van het buikvlies.Het periotoneum (buikvlies) bestaat uit een dun, glad, glanzend en vochtig vlies, met daaronder losmazig bindweefsel.
Dit vlies is rijk voorzien van bloedvaten en zenuwen en bekleedt de buikholte van binnen, dat wil zeggen, de buikwand aan de binnenzijde en de buikorganen aan de buitenzijde.
Men onderscheidt twee vormen van peritonitis:
- De lokale peritonitis
- De algemene peritonitis.
Een lokake peritonitis geeft, net als een lokale verbranding van de huid, slechts (geringe) plaatselijke verschijnselen waarbij de patiënt nog niet ernstig ziek is.
De ontstekingsreactie is eigenlijk een poging van het lichaam het proces te stoppen.
Lukt dit niet, dan zal de patiént steeds zieker worden en er ontwikkelt zich een algemene peritonitis met ernstige algemene ziekteverschijnselen. Het klinisch beeld dat zich ontwikkelt, staat bekend onder de naam 'acute buik'. Bij dit ziektebeeld hopen zich grote hoeveelheden vocht en elektrolyten op in de buikholte. Dit kan leiden tot ondervulling van het vaatstelsel en zelfs tot shock.
Uit een plaatselijke ontsteking hoeft zich niet altijd een algemene peritonitis te ontwikkelen. Het geproduceerde ontstekingsvocht bevat namelijk veel fibrine, waardoor vliezen en/of organen onderling verkleven. Op deze wijze wordt een infiltraat gevormd, dat wil zeggen een ontstekingsmassa, waardoor verdere uitbreiding wordt voorkomen.
Een infiltraat voelt aan als een onregelmatige tumor of weerstand in de buik. Wanneer de afweerkrachten van het lichaam groot genoeg zijn, zal dit infiltraat geleidelijk genezen en verdwijnen. Dit wordt resorptie genoemd. Het is een langzaam proces, het kan dan ook enkele maanden duren voordat een infiltraat volledig genezen en verdwenen is.
Wanneer de afweer minder sterk is, zal de onsteking in de gevormde holte voortwoekeren. Er ontwikkelt zich dan een abces. Hiervoor zijn in de buikholte twee voorkeursplaatsen:
- Onder het diaafragma (subfrenisch abces)
- In de holte van Douglas (Douglas-abces)
Deze voorkeursplaatsen zijn te verklaren uit het feit dat ontstekingsvocht onder invloed van verschillende factoren juist naar die plaatsen stroomt. Het subfrenisch abces is moeilijk vast te stellen en te behandelen omdat het op een moeilijk bereikbare plaats zit. Een abces in de holte van Douglas is relatief makkelijk vast te stellen via een rectaal toucher en eenvoudig te behandelen door het openen en draineren van het rectum.
Een peritonitis kan dus op verschillende manieren verlopen.
Oorzaken van peritonitis
Bij de buikvliesontsteking onderscheiden we de primaire en de secundaire peritonitis.
- Primaire peritonitis. Dit is een ontstekingsreactie van het buikvlies door bacteriën die direct uit de bloedbaan zijn gekomen. Deze vorm komt niet vaak voor en wordt eigenlijk alleen gezien bij kinderen die ernstig ziek zijn ten gevolge van een infectie met pneumokokken of streptokokken.
- Secundaire peritonitis. Deze vorm komt het meest voor en kan op verschillende manieren ontstaan:
- Onstekingen (appendicitis, diverticulitis)
- Perforatie van de holle organen als maag of darm
- Ischemie (volvulus ofwel darmkronkel, beklemde breuk)
- Bloeding (milt/leverruptuur, buitenbaarmoederlijke zwangerschap).
Symptomen van de peritonitis.
De symptomen van de peritonitis zijn dezelfde als bij elke andere onsteking:
- Rubor (roodheid)
- Tumor (zwelling)
- Calor (warmte)
- Dolor (pijn)
- Functio Laesa (gestoorde functie)
Roodheid, zwelling en warmte kunnen aan de buitenkant van het lichaam echter niet gezien worden, zodat er twee symptomen overblijven: pijn en een gestoorde functie (in dit geval een verlamming van de darm ofwel darmparalyse).
De pijn is scherp, stekend en continu van aard en de patiënt kan de plaats van de pijn precies aangeven.
Bij een perforatie ontstaat de pijn plotseling en deze is zeer hevig. Is de oorzaak een ontsteking van een buikorgaan, dan begint de pijn geleidelijk en is aanvankelijk minder hevig.
De pijn wordt aangegeven op de plaats van de ontsteking en er is sprake van druk- en loslaatpijn. Vooral dit laatste (loslaatpijn) is een typisch symptoom. Bij een gekneusde vinger is het uitoefenen van druk pijnlijk, maar deze pijn neemt af wanneer men stopt met drukken.
Bij een peritonitis neemt de pijn dan juist toe.
Dit komt doordat de ingewanden bij loslaten ten opzichte van elkaar bewegen en het buikvlies daardoor geprikkeld wordt. Dit is zeer pijnlijk.
Ook door bewegen, hoesten, lachen en dergelijke zal de pijn toenemen. Patiënten met een ernstige peritonitis zullen zo stil mogelijk in bed liggen om elke beweging te vermijden. Tijdens het vervoer van een patiënt met een peritonitis zullen de buikorganen altijd bewegen.
Bij een peritonitis is de 'vervoerspijn' dan ook zeer typerend. In het beginstadium is vaak alleen de pijn duidelijk en zijn de andere verschijnselen (nog) niet of nauwelijks aanwezig.
Men spreekt dan van peritoneale prikkeling om aan te gegven dat de symptomen nog niet voldoende zijn om van een echte peritonitis te spreken.
Een ander verschijnsel dat relatief snel optreedt, is de défense musculaire. Dit betekent letterlijk het verweer of de verdediging van de spieren, eenvoudiger gezegd: spierverzet. Men onderscheidt twee vormen van spierverzet:
- Actief spierverzet: Een willekeurige aanspanning van de spieren uit angst voor pijn. Het is een soort vluchtreactie en is voor het stellen van de diagnose niet van groot belang.
- Passief spierverzet: Een onwillekeurige aanspanning van de spieren die optreedt als het buikvlies geprikkeld wordt en elke beweging van de buikorganen pijn doet. Het lichaam zal dit proberen te voorkomen door de buikspieren aan te spannen. Patiënten zullen dus zo stil mogelijk in bed blijven liggen om zo min mogelijk pijn te hebben. De intensiteit va nde défense hangt af van de ernst van het proces. Prikkeling van het buikvlies door bijvoorbeeld maaginhoud is zo hevig, dat de buik plankhard zal zijn. Défense musculaire is een belangrijk symptoom, maar ook zonder dit symptoom kan er sprake zijn van een peritonitis. Bij oudere mensen en jonge kinderen is vaak geen défense aanwezig, terwijl er toch duidelijk een peritonitis bestaat.
Bij een darmparalyse valt de gestoorde functie minder duidelijk op dan bijvoorbeeld een gebroken been. Toch kan op grond van de volgende verschijnselen een darmparalyse worden vermoed. Bij auscultatie (luisteren met de stethoscoop) zijn de darmgeruisen sterk verminderd of zelfs verdwenen. De patiënt produceert GEEN ontlasting meer, kan geen winden laten en gaat braken. De ontlasting wordt niet meer voortbewogen in de darmen en vocht wordt niet meer geresorbeerd. Hierdoor zetten de darmen uit en een grote hoeveelheid vocht hoopt zich op, wat goed te zien is op een röntgenfoto.
Naast de lokale (buik)verschijnselen komen bij een peritonitis ook algemene symptomen voor. Deze bestaan onder andere uit een algemeen ziektegevoel, eetlustverlies, korots en een versnelde pols. In het bloed kunnen aanwijzingen voor een ontsteking worden gevonden. Bij een algemene peritonitis ontstaat een verstoring van de vochtbalans en de bloedsomloop. Doordat grote hoeveelheden bloed zich ophopen in de buikholte en het maag-darmkanaal, ontstaat er een tekort aan circulerend volume. Hierdoor ontstaan shock verschijnselen en is het bestaan van een (moeilijker te behandelen) algemene peritonitis een feit.
Behandeling van de peritonitis.
De behandeling van een peritonitis bestaat uit:
- Voorkomen of behandelen van shock. Dit betekent in de praktijk dat de patiënt een infuus moet krijgen zodat vocht en elektrolyten kunnen worden aangevuld.
- Ondersteunende behandeling van de darmparalyse. Elke belasting van het maag-darmkanaal moet worden vermeden. Dit houdt in dat de patiënt niets per os mag worden toegediend, dus via de mond. Daarnaast zal de patiént een maagsonde krijgen waardoor alle sappen die worden geproduceerd, kunnen worden afgevoerd. (starvation treatment)
- Bestrijding van de infectie met antibiotica.
- Spoelen van de buik. Soms is dit nodig wanneer zich grote hoeveelheden bloed, maagsap of andere vreemde stoffen hebben opgehoopt.
- Voortdurende controle van de patiënt. Een patiënt met peritonitis zal veelal op de afdeling intensive care worden verpleegd, tot de levensbedreigende fase voorbij is.
Naast deze behandelingsvormen dient de onderliggende oorzaak van de peritonitis behandelt te worden. Dit wordt besproken bij elk afzonderlijk ziektebeeld. Enkele voorbeelden zijn:
- Acute ontstekingen van de appendix worden veelal operatief behandeld.
- Aandoeningen als diverticulitis en colitis worden, indien mogelijk, conservatief behandeld.
- Perforaties van de maag of andere holle organen worden zo snel mogelijk operatief gesloten.
- Bij een volvulus of invaginatie (een hoger gelegen deel van de darm stulpt in in een lager deel) wordt, indien nog mogelijk, eerst conservatief, of bij onvoldoende resultaat, operatief behandeld.
- Bloedingen moeten meestal operatief behandeld worden.
Ileus
De tweede algemene aandoening van de buik die we hier behandelen is de ileus. Een ileus is een (volledige) passagebelemmering van de darminhoud. Dit is NIET hetzelfde als een afsluiting van de darm. Een darmafsluiting is wel een va nde mogelijke oorzaken van een ileus. Een andere mogelijke oorzaak is een verlamming van de darmspieren, waardoor de ontlasting niet meer wordt voortgestuwd.Een passagebelemmering van de darm hoeft niet volledig te zijn. Bij een gedeeltelijke belemmering spreekt men van een subileus.
Oorzaken van de ileus
Men onderscheidt twee vormen van ileus: de mechanische ileus en de dynamische (of functionele) ileus. Bij een mechanische ileus is er een werkelijke afsluiting van de darm die op verschillende manieren tot stand kan komen:
- Een proces in het lumen van de darm (darmholte). Bij een zuivere verstopping van de darm spreekt men van een obstructie-ileus. Voorbeelden hiervan zijn grote galstenen, vreemde lichamen zoals vruchtenpitten en taaie en sterk ingedikte feces. Dit zijn echter zeldzame oorzaken van ileus.
- Processen in de darmwand. Hierto behoren bijvoorbeeld het darmcarcinoom, ontstekingsprocessen in de darmwand (zoals de ziekte van Crohn, diverticulitis en colitis) en aangeboren afwijkingen.
- Processen die buiten de darmwand zijn gelegen, bijvoorbeeld verklevingen na een peritonitis of een chirurgische ingreep.
- Een volvulus, een invaginatie of een hernia (breuk) kan gepaard gaan met een afsluiting van het darmlumen. Daarnaast veroorzaken ze een sterke vermindering of volledige stagnatie van de bloedvoorzieninge (strangulatie) waardoor necrose dreigt.
Bij een dynamische ileus is het lumen niet afgesloten, maar toch functioneert de darm niet goed meer. Hiervan bestaan twee vormen:
- De paralytische ileus. Hierbij zijn de spieren in de darm verlamd en wordt de ontlasting niet meer voorgestuwd. De meest voorkomende oorzaak is een peritonitis. Terugkeer van peristaltiek en ontlasting geeft aan dat het herstel is begonnen.
- De spastische ileus. Bij deze vorm zijn de spieren juist super actief, overmatig gespannen. Het resultaat is echter hetzelfde als bij de paralytische ileus: de ontlasting wordt niet of onvoldoende voorgestuwd. Zeldzame oorzaken zijn bijvoorbeeld loodvergiftiging of het laatste stadium van de geslachtsziekte syfilis.
Een ileus mag nooit verward worden met obstipatie. Elk mens heeft een ander ontlastingspatroon. Vooral oudere mensen defeceren traag, bij hen kan een (sub)ileus zich sliupend ontwikkelen. In het ziekenhuis maakt men nog een onderscheidt tussen een lage en een hoge ileus. Een lage ileus is ee passagebelemmering in het laatste deel van de dikke darm en uit zich door het uitblijven van ontlasting. Bij een hoge ileus bevindt de belemmering zich in de dunne darm of in het eerste gedeelte van de dikke darm. Deze vorm uit zich door braken, de ontlasting achter de belemmering kan nog wel worden geproduceerd.
Gevolgen van een ileus.
Verdeeld over de dag worden er in het maag-darmkanaal vele liters vocht uitgescheiden. Naast het vocht dat met voedsel en drinken wordt ingenomen, hebben we te maken met speeksel, maagsap, galsap, pancreassap (sap van de alvleesklier) en dunnedarmsap.
Het meeste vocht wordt in de dunne en dikke darm weer opgenomen in het bloed. Bij een ileus blijft het vocht echter in de darm en er wordt bovendien een extra hoeveelheid vocht toegevoegd. Hierdoor ontstaat er een tekort aan circulerend volume, dat gepaard gaat met shockverschijnselen wanneer de ileus langer bestaat.
Behalve vocht wordt ook veel gas vastgehouden, waardoor de darmen geleidelijk opgeblazen worden. Dit gas bestaat voornamelijk uit ingeslikte lucht en rottingsgassen. Het vocht en de gassen zijn duidelijk te zien op een röntgenfoto van een staande patiënt.
Omdat de darminhoud niet meer wordt voortgestuwd treedt rotting op. Het aantal bacteriën neemt snel toe in de dunne darm terwijl daar normaal gesproken maar weinig bacterién in voorkomen. Deze bacteriën produceren prikkelende stoffen die inwerken op de darmwand. Via de darmwand komen ze in het bloed waaruit ze door de lever snel worden verwijderd. Ze kunnen echter ook in de buikholte komen en veroorzaken daar ernstige ziekteverschijnselen als gevolg van een algemene peritonitis.
Bij een obstructie-ileus zal de darmwand proberen het obstakel uit de weg te ruimen. De peristaltiek neemt sterk toe en wordt hoorbaar. Het geruis lijkt op het geluid van water en lucht die in een gootsteen weglopen, vandaar de naam gootsteengeruis.
Doordat de darmen sterk uitzetten, wordt het middenrif naar verloop van tijd omhoog gedregen. De terugvloed va nbloed naar het hart en de ademhaling raken hierdoor verstoord. Het tekort aan ciruclerend volume leidt ten slotte tot ee nnierfunctiestoornis.
Kortom, door een ileus raken allerleid functies in het lichaam ontregeld en zolang de oorzaak niet wordt behandeld, zullen deze functies niet herstellen.
Een ileus die te lang onbehandeld blijft, kan leiden tot een onomkeerbaar gestoorde functie van de darm, dat wil zeggen dat herstel niet meer optreedt.
Symptomen bij de ileus.
De belangrijkste symptomen van een ileus zijn:
| Pijn | Het soort pijn is afhankelijk van de oorzaak van de ileus. Bij een obstructie-ileus is de pijn krampend, koliekachtig, met als typisch verschijnsel de bewegingsdrang van de patiént. Deze zal namelijk de houding zoeken die voor hem het minst pijnlijk is. Omdat elke houding echter pijnlijk is, zal hij voortdurend in beweging zijn. Tussen de aanvallen is de patiënt pijnvrij. Bij de strangulatie-ileus is er eveneens koliekpijn, maar hierbij blijft de pijn tussen de aanvallen voelbaar. De paralytische ileus gaat gepaard met pijn die continu aanwezig is omdat de peristaltiek die voor de krampaanvallen zorgt, is uitgevallen. De pijn wordt hierbij meestal verooraakt door de doorgaans gelijktijdig aanwezige peritonitis. |
| Braken | Het is typerend dat er na het braken geen verlichting van de klachten optreedt. Door rotting wordt het braaksel uiteindelijk donkerbruin van kleur en stinkt ontzettend. Het braaksel lijkt op ontlasting, vandaar de aanduiding fecaloïd braken (echt fecaal braken bestaat niet). |
| Opgezette buik | Door de grote hoeveelheid vocht en gas zet de buik enorm op en is gespannen. Bij het kloppen op de buik is een hoge toon hoorbaar (dit duidt op gas) en ij schudden is een klotsend geluid hoorbaar (dit duidt op gas en vocht in de darmen). Bij een hoge ileus is de buik puntvormig, doordat er veel vocht en gas in de dunne darm zit en de dunne darm ongeveer in het midden van de buik ligt. Bij een lage ileus zetten vooral de flanken uit, hierbij bevinden het vocht en het gas zich vooral in de dikke darm. |
| Hoorbare en (soms ) zichtbare peristaltiek | |
| Ontbreken van flatus en ontlasting | Aanvankelijk kan nog ontlasting of lucht na de obstructie komen, uiteindelijk zal de patiént helemaal geen ontlasting meer produceren of winden kunnen laten. |
| Algemene verschijnselen (o.a. de verschijnselen van shock) | Deze verschijnselen kunnen sterk wisselen afhankelijk van de oorzaak en de ernst van de ileus en hoe lang deze al bestaat. Belangrijke verschijnselen zijn: dorst, uitdroging, polsversnelling, lage bloeddruk, oligurie (verminderde urineproductie) of anurie (geen urineproductie). |
Behandeling van ileus.
De beyhandeling van een ileus kan operatief of niet-operatief gebeuren. Vaak zal dit afhankelijk zijn van de oorzaak van de ileus en zal de niet-operatieve behandeling vooraf gaan aan en/of ondersteunend zijn bij de operatieve behandeling. De niet-operatieve behandeling bestaat uit:
- Het voortdurend leegzuigen van het maag-darmkanaal met behulp van een sonde. De top van de sonde ligt in de maag ( de gewone maagsonde) of in het duodenum om ook het pancreas-, gal-, en dunnedarmsap af te zuigen. Hierdoor vermindert de uitzetting van de darm, de circulatie verbetert en het braken stopt.
- Een infuus om de gestoorde circulatie, vocht- en elketrolytenbalans zo snel mogelijk te corrigeren.
- Het bijhouden van een strikte vochtbalans. Al het vocht dat wordt toegediend, maar ook al het vocht dat wordt uitgescheiden, moet nauwkeurig worden gemeten. Orale toediening van vocht of andere stoffen is uiteraard verboden.
- De overige te nemen maatregelen zijn afhankelijk van de precieze oorzaak van de ileus. Een obstructie-ileus zal bijvoorbeeld operatief moeten worden verholpen. Wel kan soms met deze vorm van behandeling worden voorkomen dat een dreigende obstructie overgaat in een echte, volledige obstructie. Ook gebruikt men niet-operatieve vormen van therapie wel als overbrugging van de tijd tot de operatie. Sommige patiënten zijn namelijk in zo'n slechte donditie, dat zij tijdelijk met behulp van deze behandeling moeten worden voorbereid op een operatie.
Naast de niet-operatieve behandeling kan het gebeuren dat een operatie noodzakelijk is om de achterliggende oorzaak van de ileus te verhelpen. Mogelijke oorzaken zijn:
- Een beklemde liesbreuk
- Verklevingen van de darm. Deze worden operatief gekliefd en indien noodzakelijk wordt een stuk darm verwijderd.
- Gezwellen in de buikholte.
- Volvulus
- Galstenen of andere vreemde lichamen in de darm.
- Invaginatie van de darm
- Een darmvernauwing
Laparotomie.
Het derde onderwerp dat hier behandeld wordt, betreft geen aandoening, maar een algemene onderzoeks- en behandelmethode voor de buik, de laparotomie. Een laparotomie is het operatief openen van de buik door een incisie. Wanneer een laparotomie wordt gedaan om een diagnose te kunnen stellen, spreekt men va neen proeflaparotomie.Door de komst van andere diagnostische middelen, zoals de laparoscopie, wordt de proeflaparotomie hiervoor steeds minder vaak gebruikt.
Een laparotomie wordt niet alleen uitgevoerd als onderzoeksmethode, maar ook als behandelmethode van een eerder ontdekte afwijking.
Een laparotomie is een operatieve ingreep, dus kan men de 'normale' problemen na een operatie verwachten.
Enkele specifieke problemen na een laparotomie kunnen zijn:
- Parotitis. na een laparotomie mag een patiënt gedurende bepaalde tijd niets per os krijgen (dus via de mond). De speekselklieren en met name de oorspeekselklieren worden hierdoor onvoldoende gestimuleerd tot speekselproductie, wat vooral bij ouderen aanleiding kan geven tot een ontsteking van deze oorspeekselklieren. Het gevolg is hevige pijn met hoge koorts. men kan proberen dit te voorkomen door de speekselsecretie regelmatig te stiumleren, bijvoorbeeld met lemon swabs of zuurtjes.
- Wondinfectie. Vooral bij buikoperaties waarbij de darm moet worden geopend, bestaat de kans op besmetting (door feces; ontlasting) en een zich daaruit ontwikkelde infectie. Dit is voor een patiënt natuurlijk erg vervelend. Het verlengt de opnameduur en de kans op wonddehiscentie (het openstaan van de wondranden) en littekenbreuken is groter. Daarnaast heet de infectie een nadelig effect op het cosmetische resultaat van hte litteken. Een groot aantal van deze infecties wordt tegenwoordig voorkomen door eenmalig voor de operatie een combinatie van antibiotica te geven. Na de operatie worden ernstig besmette wonden niet gehecht maar open gelaten. Hierdoor kan de wond gespoeld worden en wordt de kans op besmetting aanzienlijk verkleind. Ook genezen wonden op deze manier vaak erg mooi; er zal uiteindelijk een smal litteken overblijven dat niet onderodet voor een litteken dat is ontstaan na traditionele hechting van de wond.
- Paralytische ileus. Na een buikoperatie zijn de darmen altijd enkele dagen verlamd. De twee belangrijkste oorzaken hiervoor zijn: manipulatie van de darmen en het buikvlies tijdens de operatie, of een reeks aanwezige peritonitis voor de operatie. Gewoonlijk levert de paralyse niet al te veel problemen op omdat er direct maatregelen worden genomen. De patiént heeft meestal al een maagsonde en mag niets per os krijgen, zodat het spijsverteringskanaal volledige rust krijgt. Na korte tijd keert de peristaltiek spontaan terug en gaat de patiënt winden laten of ontlasting produceren. Pas dan mag begonnen worden met belasting van het maag-darmkanaal, eerst met vloeibaar, later met vast voedsel.
- Braken. Misselijkheid en braken komen nogal eens voor na een buikoperatie. Een magsonde kan deze klachten vaak voorkomen. Wanneer te vroeg begonnen wordt met vocht en/of voedsel (voordat de functie van de darmen is teruggekeerd), veroorzaakt dit een ophoping in de maag. Er kunnen zich vele liters in de maag ophopen en de patiënt zal steeds kleinere hoeveelheden bruin vocht braken. Wanneer dit niet behandeld wordt, leidt dit tot shock.
- Longproblemen. Vanwege de pijn gebruikt de patiënt de buikspieren en het middenrif onvoldoende. De ademhaling is daardoor oppervlakkiger en patiënten durven niet te hoesten zodat eventuele slijmproppen die de luchtwegen afsluiten niet worden weggehoest. Achter deze proppen kunnen infecties optreden die zich makkelijk over de long kunnen verspreiden. Dit heeft uiteindelijk een longontsteking tot gevolg. Voorkomen is beter en de patiënt krijgt de volgende adviezen:
- Roken moet voor en na de operatie vermeden worden,
- Na een operatie moet de patiënt goed doorzuchten en de hoestprikkel niet onderdrukken,
- De patiënt moet in bed al zo actief mogelijk zijn, bijvoorbeeld door zich op te trekken aan de bedgalg (de papagaai).
- Hevige pijn die de ademhaling belemmert, moet worden bestreden.
- Mobilisatie van de patiënt na de operatie moet zo snel mogelijk gebeuren.
- Soms moet een patiënt ademhalingsgymnastiek van een fysiotherapeut krijgen. Wanneer men veel longproblemen verwacht, kan de patiënt hiermee al voor de operatie beginnen.
- urineretentie. Dit probleem (het vasthouden van urine in de plaas) treedt vooral op na operaties aan de onderbuik. Oorzaken hiervoor kunnen zijn:
- Verzwakking van de blaasspier
- Problemen door de liggende houding (sommige mensen kunnen hierdoor gewoon al moeilijker urineren).
- Overvulling van de blaas gedurende (langdurige) operaties. Als de blaas overvuld is, kan de blaasspier niet meer samentrekken en de patiënt kan niet meer urineren.
- Operaties aan de blaas zelf of aan het rectum. Bij deze ingrepen zal echter meestal voorafgaand aan de operatie een urinekatheter gegeven worden.
LINK
Dit artikel verschaft u informatie over de aandoeningen aan de lever en galblaas:Aandoeningen aan de lever en galblaas © 2007 - 2008 Hikari, gepubliceerd in Ziekten (Mens en Gezondheid) op 01-02-2007, laatst gewijzigd op 23-07-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hikari is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Aandoeningen: een acute appendicitis: Een acute appendicitis, misschien ken je wel iemand in je omgeving die dit meegemaakt heeft. Mensen met een acute appendicitis hebben vaak veel pijn die in een korte tij…
- Curatief, palliatief of positief: Er zijn verschillende soorten en vormen van maatregelen met betrekking tot een aandoening. Deze zijn op te delen in curatief, palliatief en positief. Wat houden deze drie vo…
- Aandoeningen: gastro-enteritis: Gastro-enteritis is een infectieziekte. Het is een ziekte die veel voorkomt en iedereen heeft het wel eens gehad. De ziekte ontstaat meestal in een korte tijd en wordt gekenme…
- Spijsverteringsstoornissen: Spijsverteringsstoornissen komen ontzettend vaak voor en lopen soms uit op bezoek aan de internist, langdurig medicijngebruik, afschuwelijke onderzoeken en zelfs operaties. Wie ee…
- Voorkomen is beter dan genezen: Preventie is het voorkomen van iets. Als je spreekt over de preventie van aandoeningen kun je deze verschillende soorten preventie op 3 verschillende manieren indelen, namelij…

Reageer op het artikel "De buik en zijn aandoeningen"

Door Roger op 26-05-2008
Na een exploratieve LAPAROTOMIE met vriescoupes, drie weken terug, nog steeds vevelende pijnen aan de colon, te wijten aan deze ingreep.

