Gentherapie maakt goede vorderingen (2021)
Met gentherapie worden steeds meer successen geboekt en worden er grote stappen gemaakt. De Nobelprijs voor de Scheikunde 2020 is voor de ontwikkelaars van de genschaar Crispr-Cas. Vanaf 1 januari 2020 is Spinraza beschikbaar voor alle patiënten met Spinale musculaire atrofie (SMA). In 2020 heeft het Europees medicijnagentschap EMA een positief advies onder voorwaarden gegeven voor de toelating van Zolgensma (spierziekte SMA). Medio 2020 worden 350 gentherapieën onderzocht in klinische proeven. Gentherapie zal naar verwachting met steeds meer succes worden toegepast, maar wat is gentherapie eigenlijk?Het succes van de gentherapie
- Wat is gentherapie?
- Doel van de gentherapie
- Een virus als transmitter (vector)
- Capecchi en Smithies
- Zolgensma en Spinraza
- Grote stappen vooruit, maar nog veel te onderzoeken
Wat is gentherapie?
Gentherapie is de behandeling met een geneesmiddel dat als werkzame stof een stukje DNA bevat dat in staat is om de erfelijke mutatie in het niet werkende gen te corrigeren, vervangen of verwijderen. Bij vervanging van het niet goed werkende gen wordt de erfelijke mutatie in het gen niet gecorrigeerd of gerepareerd, maar wordt een extra werkende kopie van het gen in het lichaam gebracht. Door dit extra gen is het lichaam toch weer zelf in staat om het benodigde en werkende eiwit zelf aan te maken. Zo kan heel specifiek worden ingespeeld op allerlei kwalen en ongeneeslijke erfelijke ziekten. Van veel ziekten is namelijk inmiddels bekend waar op de chromosomen het verantwoordelijke foute gen zit. Ook gene editing (bijvoorbeeld Crispr-Cas) staat volop in de belangstelling. Emmanuelle Charpentier en Jennifer Doudna wonnen met deze techniek, toegepast in de gewasveredeling, in 2020 de Nobelprijs voor de Scheikunde.Doel van de gentherapie
De behandeling heeft tot doel om de symptomen van een erfelijke ziekte zoveel mogelijk te verminderen met geen of minimale bijwerkingen. Het is de bedoeling dat één behandeling een levenslange verbetering aangeeft. Ter vergelijking, bij suikerziekte of hemofilie zijn herhaalde injecties nodig. Het zou mooi zijn als hiervoor een behandeling in de plaats kan komen die eenmalig is en voor altijd de fouten in het lichaam repareert.Een virus als transmitter (vector)
Maar hoe krijg je een werkend gen zodanig in het lichaam dat het ook zijn werk kan doen? Welnu, bekend is dat een virus een uitstekende transporteur van genetisch materiaal kan zijn. Bij de gentherapietwee groepen virussen prima als transmitter en vector te gebruiken en daarmee twee technieken:
- Het adeno-associated virus (AAV).
- Het lentivirus.
Daarbij is AAV vrij eenvoudig toepasbaar als vector, maar is nog niet altijd duidelijk hoe lang het bescherming biedt (logisch lange termijn effecten zijn nog niet bekend). Het lentevirus heeft als nadeel dat de behandeling complexer is. Eerst moeten namelijk ook beenmergstamcellen van de patiënt worden geoogst en behandeld met de lentivirale vector, waarna het beenmerg wordt teruggezet. Onderzoek wordt ingezet op het verbeteren van beide behandelingen.