Intermediaire uveïtis: Oogontsteking met ontstoken glasvocht
De uvea is de middelste laag van het oog, die een groot aantal bloedvaten bevat. Hierdoor kunnen ontstekingscellen gemakkelijk het oog binnendringen. De uvea bestaat uit drie delen: de iris, het straallichaam en het vaatvlies. Intermediaire uveïtis is een ontsteking van het glasvocht, het straallichaam en het gebied achter het straallichaam. Hoewel diverse infecties en aandoeningen kunnen leiden tot intermediaire uveïtis, is de oorzaak vaak niet duidelijk te achterhalen. Deze aandoening, die beide ogen treft, veroorzaakt in het begin milde symptomen zoals wazig zien en het waarnemen van drijvers of vlekken. Een tijdige medicamenteuze behandeling is essentieel om verlies van het gezichtsvermogen te voorkomen.- Oorzaken van intermediaire uveïtis
- Risicofactoren van ontsteking van straallichaam en glasvocht
- Infectieus
- Niet-infectieus
- Geen oorzaak
- Symptomen
- Diagnose en onderzoeken
- Behandeling van ontstoken glasvocht
- Prognose van oogontsteking
- Complicaties
- Preventie van Intermediaire Uveïtis
- Regelmatige medische controles
- Behandeling van onderliggende ziekten
- Bescherming tegen infecties
- Immunomodulerende therapie
- Omgaan met intermediaire uveïtis
- Oorzaken en diagnose
- Behandeling en prognose
- Praktische tips voor het leven met intermediaire uveïtis
- Volg een gezond voedingspatroon
- Zorg goed voor je ogen
- Neem medicatie volgens voorschrift
- Regelmatige controles bij de oogarts
- Let op je algemene gezondheid en levensstijl
- Wees alert op veranderingen in je symptomen
- Misvattingen rond intermediaire uveïtis
- Intermediaire uveïtis is altijd het gevolg van een infectie
- Deze aandoening treft alleen ouderen
- Intermediaire uveïtis is altijd pijnlijk
- Behandeling met medicijnen is niet nodig als de symptomen mild zijn
- Intermediaire uveïtis heeft geen invloed op de rest van het lichaam
- Zichtverlies door intermediaire uveïtis is altijd blijvend
- Voeding en levensstijl hebben geen invloed op intermediaire uveïtis
Oorzaken van intermediaire uveïtis
Bij intermediaire uveïtis zijn het glasvocht, het straallichaam en het gebied achter het straallichaam (pars plana) ontstoken. Dit gebied bevindt zich direct achter de ooglens, tussen de iris (regenboogvlies) en de choroidea (vaatvlies).Risicofactoren van ontsteking van straallichaam en glasvocht
Intermediaire uveïtis (pars planitis) komt vaak voor bij patiënten tussen de twintig en veertig jaar. De aandoening kan geïsoleerd optreden of deel uitmaken van een systemische ziekte.Infectieus
Enkele infecties die mogelijk leiden tot intermediaire uveïtis zijn:- de ziekte van Lyme (bacteriële infectie veroorzaakt door een tekenbeet)
- de ziekte van Whipple (infectie met symptomen aan maag en darmen)
- lepra (infectie met zenuwschade en symptomen aan ogen en huid)
- syfilis (bacteriële infectie veroorzaakt door seksueel contact)
- toxocariasis (infectie met symptomen aan organen of ogen)
- tuberculose (bacteriële infectie met longproblemen)
Niet-infectieus
Intermediaire uveïtis wordt ook in verband gebracht met verschillende niet-infectieuze aandoeningen, waaronder:- een inflammatoire darmziekte (ontstekingsaandoening van de darm)
- een lymfoom (kanker van lymfocyten)
- het Blau-syndroom (afwijkingen aan huid, gewrichten en ogen)
- het Sjögren-syndroom (aandoening met droge ogen, droge mond en droge keel)
- het tubulointerstitiële nefritis en uveïtis syndroom
- multiple sclerose
- sarcoïdose (aandoening met symptomen aan ogen, longen, zenuwstelsel en huid)
Geen oorzaak
Intermediaire uveïtis komt vaak voor zonder bekende oorzaak (idiopathisch).Symptomen
Intermediaire uveïtis treft vaak beide ogen maar is asymmetrisch in beide ogen. Dit type oogontsteking leidt in het begin tot weinig symptomen. Minder zien, wazig zien, troebel zien en drijvers of vlekken (floaters) zien zijn de vaakst voorkomende tekenen. Meestal komen oogpijn, rode ogen, fotofobie (overgevoeligheid voor licht) niet tot stand.Diagnose en onderzoeken
Voor de diagnose van intermediaire uveïtis is een grondig oogonderzoek nodig. Daarnaast heeft de oogarts een volledige medische geschiedenis van de patiënt nodig. De oogarts voert volgende oogonderzoeken uit:- een fundoscopie (de achterkant van het oog bekijken door eerst pupilverwijdende oogdruppels aan te brengen)
- een gezichtsscherptemeting
- een spleetlamponderzoek (de voor- en achterkant van het oog inspecteren)
- een tonometrie (oogdruk meten)
Een bloedonderzoek sluit een infectie of een auto-immuunziekte uit. Röntgenfoto’s van de borstkas en/of een CT-scan van de borstkas bieden ook informatie, bijvoorbeeld om tuberculose op te sporen. De arts voert vaak een MRI-scan van de hersenen uit bij patiënten met (een vermoeden van) multiple sclerose, omdat ze vaak lijden aan pars planitis.
Behandeling van ontstoken glasvocht
Intermediaire uveïtis behandelt de oogarts vaak met injecties rond het oog of medicijnen die via de mond worden toegediend. Bij patiënten met weinig of geen klachten is een behandeling vaak niet nodig.Prognose van oogontsteking
De natuurlijke geschiedenis van intermediaire uveïtis is variabel. Hoewel dit een goedaardige oogontsteking is, is vaak sprake van een langdurig beloop met episodes van een verergering van de symptomen. Bij slechts 10% van de patiënten verdwijnt de ziekte dankzij de behandeling. Regelmatige controlebezoeken bij de oogarts zijn nodig om de ontstekingen te controleren en problemen snel op te sporen. Kinderen hebben een slechtere prognose dan volwassenen, en kinderen jonger dan zeven jaar zijn gevoeliger voor complicaties en slechtere visuele resultaten dan oudere kinderen. Ondanks het ziekteverloop en de vele complicaties is de algemene prognose van intermediaire uveïtis redelijk goed, waarbij de meeste patiënten een gezichtsscherpte van ten minste 20/40 behouden.Complicaties
Veel patiënten ontwikkelen complicaties die soms leiden tot het verlies van het gezichtsvermogen en permanente schade aan oogstructuren. Dit gebeurt vooral wanneer de diagnose te laat gesteld wordt.Volgende complicaties komen vaak voor:
- amblyopie (lui oog, vooral bij kinderen)
- bandkeratopathie (tot 45% van de ogen)
- cataract (staar)
- cystoïd maculaoedeem (zwelling door vochtophoping in de gele vlek)
- een zwelling van de oogzenuw
- epiretinale membraanvorming
- oculaire neovascularisatie (nieuwvaatvorming in het oog)