Silicose: een vorm van stoflongen of pneumoconioses
Als je gedurende geruime tijd bepaalde stofdeeltjes hebt ingeademd dan kun je de longaandoening krijgen die bekend staat onder de naam stoflongen of pneumoconioses. De aandoening komt met name voor bij mensen die in de bouw werken, in mijnen, maar ook bijvoorbeeld metaalarbeiders. Er zijn verschillende aandoeningen die behoren tot stoflongen. Voorbeelden zijn silicose, talcose, anthrasilicose en astbestose. Silicose komt het meest voor en komt door inademing van silicum (kwartsstof). Hoe kun je silicose herkennen en wat zijn de mogelijkheden voor behandeling?Inhoud artikel
- Ademhaling
- Silicose en de oorzaak van de aandoening
- Andere benamingen voor silicose
- Chronische silicose en acute silicose
- Bij wie komt silicose voor?
- Symptomen
- Complicaties
- Diagnose
- Behandeling en prognose
- Blootstelling beperken of voorkomen
Ademhaling
We halen lucht binnen via de neus. Daarna gaat de lucht door de luchtpijp naar de longen. De longen bestaan voor het grootste gedeelte uit zeer kleine longblaasjes, deze worden ook wel alveoli genoemd. Door de wand van deze blaasjes heen, wordt het zuurstof in het bloed uitgewisseld voor koolstofdioxide.Silicose en de oorzaak van de aandoening
Als je in een mijn- of een steengroeve werkt of je komt veel in aanraking met betonslijpsel of slijpsel van glas dan heb je meer kans om siliciumstofdeeltjes in te ademen. Silicium of kiezel is een kristal van natuurlijke oorsprong, het is het belangrijkste element van zand. De siliciumdeeltjes komen in de longblaasjes en worden gezien als lichaamsvreemd. Ze worden aangevallen door macrofagen (immuuncellen) en het is de bedoeling dat de siliciumcellen opgeruimd worden. De siliciumdeeltjes zijn echter sterker, de macrofagen worden kapot gemaakt en ze geven tijdens dat proces enzymen af. Deze zorgen voor irritatie in de longen en dit leidt tot ontstekingen. Er ontstaan fibroblasten (bindweefselcellen), deze omhullen de siliciumdeeltjes met vezelig weefsel, dit veroorzaakt littekenknobbels in de longen (longfibrose). De longen zijn minder elastisch, het littekenweefsel stagneert de wisseling van zuurstof in de longen. Dit geeft klachten van kortademigheid.Andere benamingen voor silicose
- Silicosis
- Longfibrose
- Mijnwerkerslong
- Snel progressieve silicose
- Accelerated silicosis
- Acute silicose
- Alveolar silico-proteinosis
- Stoflong
- Steenlong
- Pneumoconioses
Chronische silicose en acute silicose
Als iemand meer dan vijftien jaar aan silicium (geringe hoeveelheden) is blootgesteld en diegene krijgt silicose dan wordt gesproken van chronische silicose. De chronische vorm gaat gepaard met chronische ontstekingen en littekenweefsel. Gaat het echter om hele hoge hoeveelheden in korte tijd dan kan acute silicose optreden (al binnen een jaar). Kenmerkend bij acute silicose is dat het longweefsel erg ontstoken is en de longen kunnen zich vullen met vloeistof. Dit leidt tot een zeer moeizame ademhaling.Bij wie komt silicose voor?
Silicose komt voor bij mensen die in mijnen werken, in gieterijen en in de keramische industrie. Ook komt de aandoening voor bij bouwvakkers en steenhouwers.Symptomen
Je kunt silicose indelen in drie fasen.Fase 1
Bij fase 1 zie je kortademigheid bij flinke inspanning, een droge hoest (dit is een hoest zonder productie van slijm of speeksel), pijn in de borst die terugkeert.
Fase 2
Anders dan bij stadium 1 treedt kortademigheid ook op bij kleine inspanning. Het hoesten wordt erger, de pijn op de borst wordt heftiger en de ademhaling wordt sneller. Ademhalen kost moeite en kan piepend zijn.
Fase 3
De kortademigheid is voortdurend aanwezig, veel hoesten met pijnklachten. Er komt slijm vrij bij het hoesten en soms wat bloed. Verder treedt er ademnood op. De hartslag kan verhoogd zijn, hartfalen kan optreden. Andere symptomen zijn pijn in het hoofd, een gevoel van duizeligheid en iemand kan last hebben van maag- en darmklachten.