InfoNu.nl > Mens en Gezondheid > Diversen > Baarmoederhalskanker: ontstaan en behandeling

Baarmoederhalskanker: ontstaan en behandeling

Baarmoederhalskanker: ontstaan en behandeling Baarmoederhalskanker is kanker in de baarmoederhals. Baarmoederhalskanker wordt ook wel 'cervixcarcinoom' genoemd en ontstaat vrijwel altijd door het HPV-virus. Er zijn vijftien soorten HPV-virussen die baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken. Het HPV-virus is een afkorting voor humaan papillomavirus. Dit is een erg besmettelijk virus dat zowel door vrouwen als mannen wordt overgedragen. Niet alle HPV-virussen zijn gevaarlijk en er ontstaat daarom niet altijd baarmoederhalskanker of een voorstadium daarvan. Zo'n 80% van de vrouwen raakt tijdens het leven besmet met het HPV-virus. Ongeveer zeshonderd vrouwen krijgen jaarlijks baarmoederhalskanker waarvan er tweehonderd vrouwen overlijden. De verschillende behandelmethodes zijn een operatie, bestraling, chemotherapie en hyperthermie.

Inhoud


Hoe ontstaat baarmoederhalskanker?

Baarmoederhalskanker ontstaat vrijwel altijd door het HPV-virus. Het HPV-virus is een virus waar je ruim honderd verschillende varianten van hebt. De meeste HPV-virussen zijn ongevaarlijk. Er bestaan vijftien soorten HPV-virussen welke baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken en dus wel gevaarlijk zijn. De types 'HPV 16' en 'HPV 18' veroorzaken 70% van de gevallen van baarmoederhalskanker. De andere risicofacturen voor het ontstaan van baarmoederhalskanker zijn
  • Roken
  • DES (afkorting voor Di-ethylstilbestrol. Dit is een chemische stof die dezelfde werking heeft als het vrouwelijk hormoon oestrogeen)
  • Hiv
  • De anticonceptiepil
  • Meerdere zwangerschappen
  • Meerdere partners
  • Vroege geslachtsgemeenschap
  • Chlamydia

De overige types die baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken zijn:

HPV-virus Veroorzaakt ...% van alle gevallen van baarmoederhalskanker
HPV 1653,5%
HPV 1817,2%
HPV 456,7%
HPV 312,9%
HPV 332,6%
HPV 522,3%
HPV 582,2%
HPV 351,4%
HPV 591,3%
HPV 561,2%
HPV 511,0%
HPV 390,7%
HPV 680,6%
HPV 730,5%
HPV 820,3%

Als het lichaam in aanraking komt met het HPV-virus zal het lichaam de infectie in de meeste gevallen uit zichzelf opruimen. Mocht dit niet het geval zijn, dan worden er afwijkende cellen in het overgangsgebied van de slijmvliezen veroorzaakt. Je spreekt dan niet meteen van kanker, maar van een voorstadium van baarmoederhalskanker.

Hoe wordt het HPV-virus overgedragen?

Het virus wordt door middel van contact overgedragen. Dit gebeurt niet alleen door geslachtsgemeenschap, maar het virus kan ook overgedragen worden via de huid. De ontwikkeling van de ziekte kan wel tien tot vijftien jaar duren. Op het moment dat iemand met verschillende partners vrijt, zal het risico op het krijgen van het virus groter worden. Ook bij vrijen zonder voorbehoedsmiddel is het risico groter om besmet te raken. Ongeveer 80% van alle vrouwen zal ooit besmet raken met een HPV-virus.

Bevolkingsonderzoek

Alle vrouwen tussen de leeftijd van 30 en 60 jaar krijgen elke 5 jaar een bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. Hiervoor krijgt men een uitnodiging in de brievenbus. Tijdens het onderzoek maakt de huisarts een uitstrijkje. Bij een uitstrijkje worden er cellen afgenomen van de baarmoederhals. De cellen worden op een rechthoekig glaasje afgestreken. Dit glaasje wordt onderzocht in een laboratorium. Er wordt gekeken naar twee soorten cellen. Dit zijn endocervacale cellen, ook wel cylindercellen genoemd en plaveiselcellen. Endocervalcale cellen zitten aan de binnenkant van de baarmoederhals en plaveiselcellen zitten aan de buitenkant van de baarmoederhals en aan de wand van de schede (vagina). Er wordt gekeken of beide soorten cellen aanwezig zijn en hoe ze er uitzien. Soms ziet men aanwijzingen voor een ontsteking of infectie door bacteriën of virussen.

Uitslag

Er zijn twee soorten uitslagen van een uitstrijkje. Dit zijn de Pap-uitslag (Pap is een afkorting voor Papanicolaou) en de KOPAC-uitslag (KOPAC staat voor Kwaliteit, Ontsteking, Plaveiselcellen, Afwijkingen en Cilindercellen). De Pap-uitslag en de KOPAC-uitslag zijn vergelijkbaar met elkaar.

Uitslag Pap-klasses
Pap-klasse Uitslag
Pap 0Het uitstrijkje is niet goed te beoordelen. Dit komt door bloed- of gelbijmenging.
Pap 1Een normaal uitstrijkje. De cellen zien er normaal uit.
Pap 2Een paar cellen zijn anders dan normaal. Er wordt geadviseerd om na zes maanden een nieuw uitstrijkje
te laten maken. Het kan zijn dat de cellen zich dan weer hebben hersteld.
Pap 3aEr worden licht afwijkende cellen gevonden. Er wordt geadviseerd om een nieuw uitstrijkje te laten maken of
verder onderzoek te doen met kolposcopie. Kolposcopie is een onderzoek waarbij de baarmoeder nauwkeurig
wordt onderzocht. Bij de helft van de vrouwen zijn de afwijkingen bij dit onderzoek zo klein dat er geen
behandeling nodig is. Bij de andere helft wordt er een eenvoudige behandeling van de baarmoederhals geadviseerd.
Pap 3bHet uitstrijkje wijst op duidelijke afwijkingen en heeft meer afwijkende cellen dan bij Pap 3a. Verder onderzoek
wordt aanbevolen. Er bestaat een grotere kans dat een eenvoudige behandeling van de baarmoederhals
wordt geadviseerd.
Pap 4Het uitstrijkje wijst op duidelijke afwijkingen. Bij negen van de tien vrouwen moet er een eenvoudige behandeling worden gedaan.
Pap 5Het uitstrijkje wijst op duidelijke afwijkingen. Het kan voorkomen dat het uitstrijkje onterecht wijst op
baarmoederhalskanker. Dit hoeft niet altijd het geval te zijn. Het is noodzakelijk om verder onzoek
te laten doen.

KOPAC-uitslag
KOPAC-klasse Vergelijkbaar met Pap-klasse
KOPAC B3Pap 0
KOPAC P1, A1, A2 en C1Pap 1
KOPAC P2, P3, A3 en C3Pap 2
KOPAC P4, P5, A4, A5, C4 en C5Pap 3a
KOPAC P6, A5 en C6Pap 3b
KOPAC P7, A6 en C7Pap 4
KOPAC P8, P9, A7, A8 en C9Pap 5

Behandeling van baarmoederhalskanker

De behandelend arts maakt met andere artsen en specialisten een behandelplan en kijkt hierbij welke behandelingen geschikt zijn. Er wordt gekeken naar het stadium van de ziekte, hoe agressief de kankercellen zijn en hoe de lichamelijke conditie gesteld is. De arts zal daarna het behandelvoorstel bespreken met de patiënt. De volgende behandelingen, of een combinatie van de volgende behandelingen zijn mogelijk:
  • Operatie
  • Bestraling (in- en uitwendig)
  • Chemotherapie
  • Hyperthermie

Operatie

Afhankelijk van het stadium van de ziekte zal er worden gekeken of men een minder ingrijpende (conisatie, cryochirurgie, laserbehandeling of lixexcisie) of ingrijpendere operatie (de Wertheim-operatie) krijgt.

Minder ingrijpende operatie

Er zijn verschillende licht-ingrijpende methodes waar men mee behandeld kan worden. Voor de conisatie (ingreep waarbij met een mesje een kegelvormig stukje wordt weggesneden) krijgt men een ruggenprik waarbij het onderlichaam wordt verdoofd of men onder narcose wordt gebracht. Voor andere operaties wordt er vaak een plaatselijke verdoving gegeven. Een ruggenprik of algehele narcose is bij alle licht-ingrijpende operaties wel mogelijk. Dit dient van tevoren besproken te worden met de arts. Bij een narcose dient men na de behandeling nog twee à drie uur in het ziekenhuis te blijven.

Men ligt tijdens de operatie op een onderzoeksbank. De arts gaat met behulp van een eendenbek via de schede naar binnen en zet hem vast. Op deze manier kan de arts bij de baarmoederhals komen.

Conisatie
Bij een conisatie wordt er een stukje in de baarmoederhals verwijderd. Dit stukje heet 'conus'. Conisatie wordt ook wel 'kegelbiopsie' genoemd. De conus wordt met een mesje verwijderd. Na de ingreep is de baarmoedermond ca. 1 cm korter. Dit zal geen consequenties hebben voor een toekomstige zwangerschap. De operatie duurt ongeveer een half uur.

Cryochirurgie
Bij cryochirurgie wordt het aangetaste weefsel bevroren en sterft het af. Er wordt een metalen plaatje op vriestemperatuur tegen het weefsel aangelegd waardoor het weefsel doodgaat. Nadat dit weefsel vernietigd is, groeien er weer gezonde cellen aan. De operatie duurt ongeveer een kwartier.

Laserbehandeling
De arts laat het stukje weefsel verdampen met behulp van laserlicht. Dit is een behandeling die nauwelijks tot niet pijnlijk aanvoelt. Uiteraard is het wel mogelijk een plaatselijke verdoving te krijgen voor de behandeling. De operatie duurt ongeveer een kwartier.

Lisexcisie
Het weefsel wordt weggebrand met behulp van een verhit metalen lusje. Deze methode is in de meeste gevallen pijnloos, maar kan wel een branderige geur en een onaangenaam geluid geven. Tijdens de operatie wordt er ook wat gezond weefsel rond de tumor verwijderd. De reden hiervan is dat de arts niet kan zien of er in dit weefsel kankercellen zitten. De operatie duurt ongeveer een kwartier.

Ingrijpendere operatie

De Wertheim-operatie is een ingrijpende operatie. Deze operatie kan worden toegepast als men in een vergevorderd stadium van baarmoederhalskanker zit. Als een vrouw ouder dan 50 jaar is, zullen ook de eierstokken worden verwijderd.

Wertheim-operatie
Tijdens de operatie maakt de arts een snee in de onderbuik. De snee wordt gemaakt tussen het schaambeen en de navel. Bij een Wertheim-operatie verwijdert de arts:
  • De baarmoeder
  • Het bovenste deel van de vagina
  • Steunweefsel rond de baarmoeder en vagina
  • De lymfeklieren uit het bekken

Afhankelijk van het ziekenhuis waar men geopereerd wordt is het soms ook mogelijk om de Wertheim-operatie als een kijkoperatie uit te voeren. Deze operatie wordt gedaan met behulp van een operatierobot die via de schede of via kleine sneetjes in de buik naar binnen gaat. Het voordeel van een kijkoperatie is dat het herstel sneller gaat, er minder wondpijn is, de darmen sneller werken na de operatie en dat de buikvlies minder geprikkeld is.

Trachelectomie: Voor als je nog een kinderwens hebt
Heb je nog een kinderwens? Dan dien je dit vooraf te bespreken met je arts. Bij een Wertheim-operatie wordt dan, indien mogelijk, alleen de baarmoederhals, het steunweefsel daar omheen en de lymfeklieren uit de onderbuik verwijderd. De baarmoeder zal niet verwijderd worden.

Onderzoek na de operaties
Het weefsel dat verwijderd is wordt onderzocht door een patholoog. Er wordt gekeken wat voor soort kankercellen het zijn en of ze kwaadaardig zijn. Daarnaast wordt er gekeken:
  • Of er in de randen van het weefsel kankercellen zitten
  • Of er in de lymfeklieren kankercellen zitten
  • Of er naar het steunweefsel rond de baarmoederhals kankercellen doorgegroeid zijn
  • Naar de grootte van de tumor
  • Of de tumor gegroeid is en zo ja, hoever de tumor doorgegroeid is
  • Of de tumor is doorgegroeid in de lymfebanen

Indien het risico bestaat dat niet al het aangepaste weefsel is verwijderd, wordt er bepaald of er aanvullende bestraling nodig is.

Bestraling (in- en uitwendig)

Bestraling wordt ook wel ‘radiotherapie’ genoemd. In een vergevorderd stadium van baarmoederhalskanker is bestraling de eerst aangewezen behandeling. Bestraling zorgt ervoor dat kankercellen vernietigd worden en gezonde cellen zo veel mogelijk gespaard blijven. Er worden ook altijd gezonde cellen vernietigd. Gezonde cellen zullen snel weer herstellen. Kankercellen daarentegen herstellen minder goed. Indien men bestraald moet worden wordt er vaak uitwendig en inwendig bestraald, waarbij de uitwendige bestraling eerst plaatsvindt en daarna de inwendige bestraling.

Uitwendige bestraling
De uitwendige bestraling krijgt men door een bestralingstoestel. Er wordt nauwkeurig gericht op de plaats waar er bestraald moet worden. Op deze manier wordt zoveel mogelijk gezond weefsel gespaard. Een behandeling duurt ca. vier tot vijf weken waarbij er vier of vijf keer per week bestraald wordt. De behandeling duurt een paar minuten. Na de bestraling kan men direct weer naar huis. Mogelijke bijwerkingen zijn:
  • Futloos/vermoeid
  • Buikkrampen
  • Diarree
  • Blaasontsteking

Inwendige bestraling
Inwendige bestraling wordt gedaan via de schede. Er worden smalle holle buisjes ingebracht. Dit gebeurt onder narcose of een plaatselijk verdoving. Er worden buisjes ingebracht. Nadat de buisjes zijn ingebracht wordt er een röntgenfoto of CT-scan gemaakt. Daarna worden er dunne slangetjes via de buisjes ingebracht. Na de röntgenfoto of CT-scan kunnen de artsen precies zien hoeveel straling men nodig heeft. De hoeveelheid straling bepaalt ook de duur van de behandeling. Indien de bestraling een aantal uur duurt, zal men van tevoren een katheter ingebracht krijgen en verblijft men in een kamer met speciale voorzieningen. Mogelijke bijwerking zijn:
  • Urineren voelt wat gevoelig aan
  • Kortdurende vaginale afscheiding
  • Licht bloedverlies
  • Kortdurende aandrang om te poepen
  • Droog slijmvlies van de vagina

Chemotherapie

Bij chemotherapie wordt behandeld met ‘cytostatica’, bepaalde medicijnen. Deze medicijnen doden de cellen en remmen de celdeling. Het medicijn wordt via het bloed door het lichaam verspreid waardoor het bijna alle kankercellen in het lichaam kan bereiken. De behandeling wordt als kuur gegeven en wordt één of enkele dagen achter elkaar toegediend. Na de kuur krijgt men een aantal weken rust. Deze kuur wordt een aantal keer herhaald.

Chemotherapie kan ook worden gekozen om de tumor te verkleinen zodat de operatie die na de chemotherapie plaatsvindt beter uit te voeren is. Indien de ziekte zover gevorderd is dat er geen genezing meer mogelijk is, kan er ook worden gekozen voor chemotherapie. De behandeling wordt dan gegeven om de klachten te verminderen of om de ziekte te remmen.

Chemotherapie kan ook in combinatie met bestraling worden gegeven. Deze combinatie wordt ook wel ‘chemoradiatie’ genoemd. Men krijgt de chemokuur één keer per week in dezelfde periode als de uitwendige bestraling. Met deze combinatie van behandelingen dient men ongeveer één tot twee dagen in het ziekenhuis te verblijven. Mogelijke bijwerkingen zijn:

Hyperthermie

Bij hyperthermie (verhoogde temperatuur) wordt de behandeling gedaan met warmte. De tumor wordt verwarmd tot 40 a 45°C. Dit duurt zestig tot negentig minuten. Kankercellen kunnen minder goed tegen deze warmte dan gezonde cellen. Door de warmte gaan kankercellen dood of worden gevoeliger. Hyperthermie wordt altijd gegeven in combinatie met bestraling of chemotherapie. In een vergevorderd stadium wordt hyperthermie vaak gegeven in combinatie met bestraling. Mogelijke bijwerkingen zijn:
  • Onderhuidse verbranding
  • Verbranding in het spierweefsel
  • Vermoeidheid
© 2016 - 2017 Rozanne, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Baarmoederhalskanker: symptomen, behandeling, uitstrijkjeBaarmoederhalskanker: symptomen, behandeling, uitstrijkjeBaarmoederhalskanker: oorzaak, symptomen, kenmerken, uitstrijkje, behandeling en prognose. Jaarlijks krijgen 700 vrouwen…
Baarmoederhalskanker: oorzaak, klachten en behandelingBaarmoederhalskanker: oorzaak, klachten en behandelingBaarmoederhalskanker treft in Nederland per jaar ongeveer 650 vrouwen, en hiervan overlijden er gemiddeld 250 van aan de…
Kanker: teelbalkankerTeelbalkanker is een redelijk zeldzame vorm van kanker, die ongeveer 4 op de 100.000 mannen treft. De kanker begint mees…
Chemotherapie bij kanker: behandeling en bijwerkingen chemoChemotherapie bij kanker: behandeling en bijwerkingen chemoBij de behandeling van kanker met chemotherapie krijgt de patiënt medicijnen om de snel vermenigvuldigde kankercellen te…
Maagkanker: verschijnselen en behandelingMaagkanker: verschijnselen en behandelingIn de Westerse wereld komt maagkanker niet meer heel vaak voor. In ontwikkelingslanden is het echter nog een veel voorko…
Bronnen en referenties
  • http://www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Algemeen_Actueel/Veelgestelde_vragen/Infectieziekten/Rijksvaccinatieprogramma/Veelgestelde_vragen_over_de_HPV_vaccinatie_tegen_baarmoederhalskanker
  • https://nl.wikipedia.org/wiki/Baarmoederhalskanker
  • https://www.kanker.nl/bibliotheek/baarmoederhalskanker/wat-is/417-risicofactoren-van-baarmoederhalskanker
  • https://www.kanker.nl/bibliotheek/baarmoederhalskanker/behandeling-en-bijwerkingen/428-operatie-bij-baarmoederhalskanker
  • https://www.mchaaglanden.nl/stimulansz/onderzoeken-en-behandelingen/behandelingen-van-de-baarmoederhals
  • https://www.dietcetera.nl/ziektes-en-aandoeningen/baarmoederhalskanker
  • http://www.kankerwiehelpt.nl/zorgtraject/baarmoederhalskanker/behandeling/bestraling-252.html
  • https://www.kanker.nl/bibliotheek/baarmoederhalskanker/behandeling-en-bijwerkingen/433-chemotherapie-bij-baarmoederhalskanker
  • https://www.kanker.nl/bibliotheek/baarmoederhalskanker/behandeling-en-bijwerkingen/434-hyperthermie-bij-baarmoederhalskanker
  • https://www.kanker.nl/bibliotheek/baarmoederhalskanker/behandeling-en-bijwerkingen/426-behandeling-bij-baarmoederhalskanker
  • http://www.vacciweb.be/nl-BE/content/vaccinaties-voor-adolescenten-en-volwassenen/baarmoederhalskanker/van-virus-tot-vaccin/het-humaan-papilloma-virus-hpv/105/257/
  • https://www.kanker.nl/bibliotheek/baarmoederhalskanker/wat-is/419-bevolkingsonderzoek-baarmoederhalskanker
  • http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=888
  • https://vrouwenkliniekzuidoost.nl/zorgaanbod/afwijkend-uitstrijkje/
  • http://www.kankerwiehelpt.nl/zorgtraject/baarmoederhalskanker/onderzoeken/uitstrijkje/de-uitslag-van-het-uitstrijkje-248.html

Reageer op het artikel "Baarmoederhalskanker: ontstaan en behandeling"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Rozanne
Laatste update: 19-11-2016
Rubriek: Mens en Gezondheid
Subrubriek: Diversen
Bronnen en referenties: 15
Medische informatie…
Deze informatie is van informatieve aard en geen vervanging voor professioneel medisch advies. Raadpleeg bij medische problemen en/of vragen altijd een arts.
Schrijf mee!