Granaatappel gezond
De granaatappel is één van de oudste en meest tot de verbeelding sprekende fruitsoorten die we kennen. De vrucht is uitzonderlijk rijk aan antioxidanten, waaronder ellaginezuur, en beschermt het lichaam op krachtige wijze tegen aderverkalking. Bijzonder aan granaatappel is dat het bestaande atherosclerose significant kan remmen en gunstige effecten heeft bij kransvaatziekte en arteriële stenose.
Geschiedenis van de granaatappel
De granaatappel (Punica granatum) komt van oorsprong uit het oude Perzië en gedijt het beste in een klimaat met hete, droge zomers en koele winters. De granaatappelboom wordt op grote schaal geteeld in landen zoals Iran, India, Japan, Spanje, Californië en Israël. De naam granaatappel verwijst naar het uiteenspatten van de vrucht als deze overrijp uit de boom valt waarbij de zaden alle kanten op vliegen. De frisse zoetzure vrucht kan worden uitgelepeld en leent zich uitstekend voor het maken van sap, jam, grenadine (ingedikt sap, oorspronkelijk ook gemaakt uit pitten) en extracten (uit sap, zaden en de leerachtige schil). In India en Pakistan worden de geroosterde zaden gebruikt als specerij. De granaatappel wordt beschouwd als een heilige vrucht in verschillende grote wereldreligies zoals de islam, het christendom, jodendom en boeddhisme; ook komt de vrucht voor in verschillende Griekse en Perzische mythen. De vrucht staat onder meer symbool voor regeneratie, leven, dood en wedergeboorte, onsterfelijkheid, onoverwinnelijkheid, voorspoed, overvloed en vruchtbaarheid. In China is de afbeelding van een rijpe open granaatappel een populair huwelijksgeschenk; in Griekenland is het gebruik tijdens een bruiloft een granaatappel te openen als symbool van vruchtbaarheid en voorspoed. De granaatappel wordt van oudsher geroemd om haar medicinale kwaliteiten en is de laatste jaren veelvuldig onderwerp van wetenschappelijk onderzoek, vooral vanwege het zeer hoge antioxidantgehalte. Vooral in de Verenigde Staten is de granaatappel momenteel populair als ‘supervoedsel’ voor een gezond en lang leven.
Antioxidantwerking van granaatappel
Het sap van de granaatappel heeft een hoog gehalte (0,2-1%) aan polyfenolen met antioxidantactiviteit, in het bijzonder anthocyanidines (delphinidine-, cyanidine- en pelargonidine-glycosides), ellagitannines, ellaginezuur, gallotannines, galluszuur en catechines. De olierijke zaden bevatten oestron en fyto-oestrogenen (genisteïne, daïdzeïne, coumestrol), fytosterolen (bètasitosterol, stigmasterol, campesterol) en het unieke punicic-zuur, dat een ontstekingsremmende werking heeft. De granaatappel is naast framboos en aardbei het voedingsmiddel met de hoogste concentratie ellaginezuur en ellagitannines; ellagintannines zijn voornamelijk punicalagine-isomeren, die na hydrolyse uiteenvallen in glucose en ellaginezuur.
Ellagitannines hebben onder meer een krachtige antioxidatieve, leverbeschermende en anticarcinogene activiteit; na inname worden ze voor een deel door darmbacteriën omgezet in urolithines en andere metabolieten met een lagere antioxidantactiviteit. Onlangs is vastgesteld dat urolithines een dosisafhankelijke, milde (fyto)oestrogene werking hebben. Er is sprake van sterke synergie tussen de verschillende polyfenolen in granaatappel(sap). Granaatappelsap heeft in-vitro een drie keer hogere antioxidantactiviteit dan rode wijn en groene thee; het antioxidantgehalte is hoger als de hele vrucht - inclusief het zeer antioxidantrijke, samentrekkende vruchthuls (deze kan wel 28% tannines bevatten) - wordt gebruikt voor de bereiding van granaatappelsap.
Advies gebruik granaatappel
Granaatappelsap kan net als grapefruitsap interfereren met de afbraak van medicijnen; granaatappelsap remt vermoedelijk CYP3A-enzymen in de darmwand. Sommige mensen zijn allergisch voor granaatappel, vooral als ze allergisch zijn voor pollen (oraal allergiesyndroom), perzik of noten. De ingrediënten in granaatappel versterken elkaars werking; het is waarschijnlijk het beste om sap of concentraten van granaatappel te gebruiken die niet zijn gestandaardiseerd op één ingrediënt zoals ellaginezuur.