De geneeskracht van gewone brem
De gewone brem is een mooie plant met gele bloemetjes die wordt verkocht als sierplant. In het wild zie je hem regelmatig in de duinen, heidevelden en op zandgronden. De brem heeft hele kleine blaadjes. Brem heeft giftige stoffen in zich. Zoals vaak het geval is bij giftige planten kan dit gif wat sparteïne heet in de fytotherapie worden gebruikt als natuurmedicijn. Het wordt vooral ingezet bij hartziekten, ziekten van de bloedvaten en reumatische aandoeningen.Let op! Dit artikel is geschreven vanuit de persoonlijke visie van de auteur en bevat mogelijk informatie die niet wetenschappelijk onderbouwd is en/of aansluit bij de algemene zienswijze.
Inhoud:
- Naamgeving
- Werkzame stoffen
- Gewone brem, goed voor het hart
- Brem, een venotonicum
- Ter discussie staande medicinale werkzaamheden
- Veiligheid brem
Naamgeving
De Latijnse naam van gewone brem is Cytisus scoparius. In het Nederlands wordt deze struik naast gewone brem kortweg brem genoemd. Bezemkruid is ook een mooie naam. Cytisus betekent eenvoudigweg ´plant´. Scoparius betekent ´vuilnisman´. De plant kreeg deze naam omdat er bezems van gemaakt kunnen worden. In het Duits heet de plant Besenkraut wat letterlijk vertaald bezemkruid betekent. Het Nederlandse woord ´brem´ betekende vroeger ´bezem´. Vergelijk het maar met het Engelse woord voor bezem ´broom´.Werkzame stoffen
Van de brem wordt het bovengronds groeiende kruid gebruikt inclusief de twijgen. Soms worden de bloemen gebruikt. De gewone brem bevat alkaloïden waarvan sparteïne het belangrijkst is. Daarnaast bevat het de alkaloïden lupanine, alfa-isosprateïne of genisterine en bisparteïne. Verder bevat het dopamine, tyramine, oxytyramine, flavonoïden zoals isoflavonen, scopaline en astragaline, coumarinen, koffiezuurderivaten, etherische olie, lectine en hars.Gewone brem, goed voor het hart
Brem is een cardiosedativum; een middel om het hart rustiger te maken. Het werkt niet bij ernstige hartstoornissen, alleen bij milde vormen. Brem zorgt ervoor dat de kransslagaders zich verwijden waardoor er een verlenging van de diastole of rustfase van het hart ontstaat. Sparteïne is de belangrijkste werkzame stof. Het remt de zenuwprikkels af die leiden tot een versnelde hartslag. De medicinale werkingen worden in de fytotherapie aangewend bij de volgende indicaties:- Milde hartritmestoornissen,
- Tachycardie of te snelle hartslag,
- Voorbarige hartcontracties,
- Lage bloeddruk
- Paroxysmale tachycardie of plotseling optredende snelle hartslag.
Brem, een venotonicum
Brem is een plant die de aders ondersteunt. Het is een venotonicum, een middel wat de bloedvaten steviger maakt. Het zorgt er onder andere voor dat het bloed minder snel terug vloeit. Na elke pompslag van het hart stroomt er een beetje bloed ´terug´, in de verkeerde richting. De aders zijn zo gebouwd dat ze dit kunnen voorkomen door een soort kleppensysteem en de gewone brem zorgt ervoor dat deze werking optimaler plaats vindt. Hierdoor is de brem in de fytotherapie een natuurmedicijn dat wordt ingezet bij:- Spataders,
- Aanverwante klachten van spataders zoals gezwollen benen en enkels,
- Overvulling van de aders.
Ter discussie staande medicinale werkzaamheden
Brem stimuleert de baarmoeder. Het zou de uterus stimuleren en weeën bevorderen. Daarnaast heeft het bloedstelpende eigenschappen. Overigens is niet iedere fytotherapeut het eens over deze werkingen. De meeste werkingen in de fytotherapie zijn onderschreven door wetenschappelijke bevindingen maar deze medicinale werkingen zijn alleen het gevolg van waarnemingen van artsen. Datzelfde geldt voor de diuretische werking van brem. Doordat deze geneesplant de urineproductie bevordert is het een middel bij jicht en andere reumatische aandoeningen. Helaas is ook deze werking te weinig onderzocht en wordt het alleen door persoonlijke observaties van natuurartsen en fytotherapeuten onderschreven. Desondanks wordt brem door sommige artsen- Milde menorragie of overmatig bloedverlies
- Metrorragieën of overmatige baarmoederlijke bloedingen,
- Bevalling,
- Artritis, artrose, jicht,
- Gebrekkige urineproductie.