Albumine: vochtaantrekker en transportmedium bloed
Bloed is een samenstelling van meerdere bloedcellen, water en bloedplasma, waarmee het lichaam wordt voorzien van alle noodzakelijke stoffen. Een onderdeel daarvan is de stof albumine en wordt in de lever aangemaakt. Het zorgt voor een aantrekkende kracht van water, waardoor het bloed goede vloeibaarheid behoudt. Door toedoen van shock, ernstig letsel, bloedingen maar ook lever- en nieraandoeningen kan er een groot tekort ontstaan, waardoor vergaande problemen worden veroorzaakt. Wat is albumine, wat voor functie heeft het in het bloed en waarom is het een noodzakelijke stof?
Bloedplasma is de drager van alle bloedcellen in het lichaam, zodat overal voldoende zuurstof, voedingsstoffen en hormonen kunnen worden aangevoerd. Een deel van dat bloedplasma bestaat uit water. Albumine heeft een zeer belangrijke functie om wateruittreding uit het bloed te vermijden. Het zorgt er namelijk voor dat vocht wordt aangezogen en aan het plasma wordt gekoppeld. Dit betekent dat het vocht niet de bloedbaan verlaat, mits het albuminegehalte in het bloed hoger is dan buiten de bloedvaten. Het zorgt er dus voor dat het bloed goede vloeibaar heeft, zodat het gemakkelijk door grote slagaders en zeer kleine vaten kan worden vervoerd. Het ligt daarmee ten grondslag aan ons eigen levensvatbaarheid, goede bloeddoorstroming, bloeddruk en juiste aansturing van lichaamsprocessen.
Transporteren van stoffen
Omdat albumine water aantrekt, kan het ook ook aan andere stoffen binden. Een lange lijst aan hormonen, enzymen, medicatie maar ook lichaamseigen en lichaamsvreemde stoffen worden eraan gekoppeld. Denk aan testosteron, oestrogeen, cortisol, adrenaline, gifstoffen, enzovoorts. Albumine bepaalt zelf niet wat goed of slecht is voor het lichaam, aangezien de afweer daar verantwoordelijk voor is. Het zorgt ervoor dat spieren en organen van voldoende energie worden voorzien en dat botten calcium krijgen. Uiteraard betekent dit ook dat er ongunstige stoffen door albumine worden vervoerd, zodat we bijvoorbeeld ziek worden.
Druk in de bloedbaan
Eiwitten zijn uitzonderlijk belangrijk voor ons lichaam. Een gezond persoon kan op basis van voldoende eiwitten goed leven, waarbij de bloeddruk (hoge en lage druk) gunstig is. Voldoende water vasthoud capaciteit zorgt ervoor dat er een gunstige inwendige druk in de bloedbaan aanwezig is. Overdruk zorgt ervoor dat bloedcellen worden samengedrukt, terwijl onderdruk bloedcellen laat opzwellen. In beide gevallen kan het bloed minder goed functioneren. Bij normale druk kunnen alle bloedcellen normaal functioneren, zodat stoffen naar alle delen van het lichaam kunnen worden verstuurd.
Waarom aanzuigende werking noodzakelijk?
Het hart pompt onder relatief grote druk zuurstofrijk bloed door de kransslagaderen, aorta en bloedvaten. Indien de zuigende werking van het bloedplasma onvoldoende is, dan wil water uit de aderen sijpelen. De druk is dan dus te groot op het vaatstelsel van ons lichaam. Door toedoen van voldoende aantrekkende werking zal die druk teniet worden gedaan. Water wordt aangetrokken, waardoor het netjes binnen de vaten blijft stromen. Het zorgt er eveneens voor dat de hoeveelheid bloed niet snel wijzigt en dus constant blijft. Mits er uiteraard geen ernstige wonden van toepassing zijn.
Toediening bij shock of allergische reactie
Shock wordt vaak veroorzaakt door een ernstige verlies van spanning om de aderen. De bloeddruk daalt daarbij snel waardoor het hart onvoldoende bloed kan transporteren. Het vormt direct een levensbedreigende omstandigheid. Denk aan het hebben van een zwaar ongeluk of naar aanleiding van een allergische reactie. In dat laatste geval wordt teveel histamine door mestcellen aangemaakt, waardoor de spanning om de aderen wegvalt. Enerzijds wordt via de EpiPen dan adrenaline toegediend om de hartslag tijdelijk te versnellen, waardoor de bloeddruk om hoog gaat. Anderzijds wordt daarna in het ziekenhuis albumine toegediend om de gevolgen van shock verder tegen te gaan. Dit wordt ook gedaan bij ernstig bloedverlies, brandwonden of vergiftiging.
Redenen tekort albumine
Indien iemand aan lever- of nierziekte lijdt ontvangt het bloedplasma onvoldoende albumine of wordt er teveel albumine afgevoerd. Het wordt aangemaakt in de lever en wordt deels door de lever gerecycled. Daarnaast kunnen de nieren het in grote hoeveelheden afvoeren, indien de nieren een probleem hebben. Hyperalbuminemie kan ontstaan door bijvoorbeeld het nefrotisch syndroom bij nierlijden. Daarbij ontstaat proteïnurie, waarbij de nieren overmatig veel eiwitten uit het bloed zuiveren. Oftewel albumine wordt grootschalig afgevoerd, waardoor vocht buiten de vaten kan lekken. Ook bij de ziekte van Crohn kunnen de darmen onvoldoende eiwitten opnemen, waardoor indirect een tekort ontstaat.
Albumine en albuminurieAlbumine is een eiwit dat in het bloed voorkomt. Het wordt aangemaakt door de lever en is nodig om vocht in de bloedbaan te houden…
Bloed: bloedplasma en serumBloed is een vloeibaar weefsel. Maar waar bestaat het nu uit? In dit deel wordt het bloedplasma beschreven. Het bloedplasma is 55%…
Eiwitten in het menselijk lichaamEr komen veel verschillende eiwitten voor in ons lichaam en hebben allemaal hun eigen functie. Deze eiwitten bestaan uit polymeren…
Sporten en calorieverbruikVeel mensen sporten om diverse redenen. Sommigen omdat zij dit leuk vinden, om de conditie op peil te houden, anderen omdat zij wi…